Burn-out een generatiekwaal? Het zegt iets over hoe we nu werken

Burn-out onder jonge medewerkers komt steeds vaker voor op de werkvloer. Daardoor ontstaat al snel het idee dat deze generatie minder weerbaar is. In haar essay Generatie Burn-out zet arbeid- en organisatiepsycholoog Linne van Straten daar een andere kijk tegenover. Volgens haar is burn-out geen individueel probleem en ook niet zozeer een generatieprobleem. Want als veel mensen op vergelijkbare manieren vastlopen, is dat niet alleen een persoonlijk verhaal. Het is óók een ontwerpvraag: hoe organiseren we werk, en wat vragen we daarmee eigenlijk van mensen?


Wil je efficiënter werken en de impact van het personeelstekort verkleinen met slimme digitale oplossingen? 👉 Ontdek de leveranciers van zwembadautomatisering en software.



De verkeerde vraag over mentale gezondheid op het werk

Veel organisaties stellen een vraag die zorgzaam klinkt: hoe voorkomen we burn-out bij jonge medewerkers? Linne noemt dit de verkeerde vraag, omdat die al suggereert dat het probleem vooral bij de medewerker ligt. De ongemakkelijkere, maar volgens haar betere vraag is: waarom hebben we een systeem gecreëerd waarin mensen zo vroeg vastlopen, en wat zegt dat over hoe we werk en leiderschap hebben vormgegeven? Burn-out ontstaat namelijk zelden plots. Het is vaak het eindpunt van een langere mismatch tussen belasting en draagkracht, tussen wat er verwacht wordt en wat iemand (nog) kan dragen. Als dat structureel gebeurt, is ‘mentale gezondheid’ alleen een te smal frame. Dan moet je ook kijken naar verantwoordelijkheid, structuur en ontwikkeling.

Waarom stress niet de vijand is van de jonge professional

Als het om burn-out gaat, wordt stress vaak gezien als de boosdoener. Maar Linne zet daar een nuchtere werkelijkheid tegenover: stress is óók een normale reactie van het lichaam. Het helpt om te focussen, te handelen en te leren. Zonder stress is er geen ontwikkeling. Het probleem is dus niet dát er stress is, maar hoe stress wordt beleefd en georganiseerd. In het essay wordt onderscheid gemaakt tussen stress die je sterker maakt en stress die je sloopt. Dat verschil zit niet alleen in de hoeveelheid, maar ook in voorspelbaarheid, betekenis, herstel en autonomie. Als spanning onduidelijk is, eindeloos lijkt en geen doel heeft, wordt het destructief. Maar als spanning begrensd, tijdelijk en betekenisvol is, kan het juist vormend werken.

Lees ook: Grensoverschrijdend gedrag: hoe borg je een veilige werkomgeving?

De valkuil van zacht leiderschap en onduidelijke kaders

Veel organisaties zijn zachter en zorgzamer gaan leiden, vaak met de beste bedoelingen. Alleen zit er een valkuil in zorgzaamheid zonder structuur. LInne formuleert het scherp: zachtheid zonder kaders creëert onzekerheid, ruimte zonder kaders vergroot spanning, bescherming zonder ontwikkeling maakt afhankelijk. Leiderschap is in veel organisaties niet te hard geworden, maar juist te vaag. En vaagheid is voor jonge professionals geen veiligheid, maar ruis. Vaagheid lijkt onschuldig, maar is mentaal duur. Als afspraken niet expliciet zijn, moeten medewerkers voortdurend inschatten wat de bedoeling is, hoe streng er beoordeeld wordt en wanneer iets ‘goed genoeg’ is. Dat inschatten kost energie, elke dag opnieuw.

Feedback en psychologische veiligheid op de werkvloer

In het essay komt ook een bekende dynamiek terug: feedback wordt onnodig spannend gemaakt. Leidinggevenden voelen dat opmerkingen persoonlijk kunnen binnenkomen en gaan feedback dan voorzichtig verpakken of uitstellen. Maar daarmee wordt feedback juist zwaarder. Waar feedback niet normaal is, wordt elke correctie een incident en incidenten blijven hangen. Hetzelfde geldt voor ‘psychologische veiligheid’. Dat begrip is bedoeld als basis om te leren, maar kan verschuiven naar bescherming tegen ongemak. Linne is daar helder over: leren zonder ongemak bestaat niet. Veiligheid betekent niet dat alles comfortabel is, maar dat fouten hanteerbaar en bespreekbaar zijn.

Het ontbrekende midden: volwassen leiderschap

De discussie over werkdruk en welzijn schiet vaak heen en weer tussen twee uitersten: harder of zachter. Linne noemt volwassenheid de ontbrekende categorie tussen hard en zacht. Volwassen leiderschap is helder: verwachtingen expliciet maken, spanning normaliseren en richting geven zonder te redden. Maar wie nu meteen een lijstje ‘wat te doen’ verwacht, komt bedrogen uit. Bewust schrijft Linne niet op wat je morgen moet doen. Eerst moet het denken verschuiven van individuen naar systemen, van bescherming naar ontwikkeling, van zorg naar volwassenheid. Daarbij geeft ze een ongemakkelijke, maar bruikbare graadmeter. Als je nu denkt: interessant, dan ben je er nog niet. Als je denkt: dit raakt iets wat ik liever ontwijk, dan kom je dichter bij de kern. Geen snelle oplossingen dus, maar het scherper krijgen van de vraag die je niet meer kunt ontwijken. Hoe organiseren we werk en leiderschap zó dat mensen leren dragen wat onvermijdelijk is, zonder dat het ze opbreekt?

Het hele essay Generatie Burn-out kun je downloaden via de website van Linne van Straten.


advertentie

Alle leveranciers voor de zwembranche vind je hier