NBZ en Nationale Raad Zwemveiligheid werken samen aan een veilige branche

Sinds een jaar werken de Nationale Beroepsopleiding Zwemonderwijs (NBZ) en de Nationale Raad Zwemveiligheid (voorheen Nationaal Platform Zwembaden | NRZ) intensief samen. Het gemeenschappelijke doel: de kwaliteit van zwembadmedewerkers op een zo hoog mogelijk niveau krijgen. Om dat voor elkaar te krijgen moest er bij beide partijen eerst het nodige oud zeer worden weggemasseerd. Is dat gelukt? We vragen het aan twee direct betrokkenen, Jochem Muller (NBZ) en Jarno Hilhorst (Nationale Raad Zwemveiligheid – NRZ).

Strijdbijl

Zowat tien jaar trokken ze gescheiden op, de NBZ en NRZ. Het was Nederland Waterland op z’n smalst. De strijdbijl is begraven en iedereen is er blij mee. Jochem Muller, coördinator opleidingen bij NBZ, noemt het een verstandig besluit. “Als je zwemopleidingen inhoudelijk wil door ontwikkelen, moét je wel samenwerken.’’ Muller stelt vast dat er bij NRZ in de loop der tijd het nodige is veranderd. “De organisatie is opener geworden, meer democratisch. We zijn bereid om naar elkaar te luisteren.’’ Als kartrekker binnen NRZ is Jarno Hilhorst blij met de constructieve opstelling van NBZ. “De aansluiting heeft voor hen de nodige consequenties gehad. Met name op administratief en financieel gebied heeft het veel gevergd.’’

Saamhorigheid

Bij ieder examengesprek van NBZ-cursisten is bijvoorbeeld nu ook een ‘examenvoorzitter’ van NRZ aanwezig, om toe te zien op de kwaliteit. De aanvankelijke weerstand binnen NBZ is volgens Muller na de nodige interne gesprekken aan de kant gezet. Het gevoel van saamhorigheid met NRZ won het van de scepsis in eigen kring. Daar werd het branchecertificaat in eerste termijn als een overbodig en duur traject gezien. Muller wist zijn achterban te overtuigen. “We willen van ons eiland af.’’ Dat is volgens Muller prima gelukt. “Tientallen NBZ-cursisten hebben het branchecertificaat inmiddels in bezit.’’ Alle NBZ-docenten, waaronder Muller zelf, hebben bovendien deelgenomen aan de verplichte examinatorentrainingen van NRZ. Gekozen werd voor een in company traject, om zo efficiënt mogelijk te kunnen opleiden. Wat volgens Muller ook belangrijk was: meerwaarde creëren. Dat is gelukt. “Er wordt rekening gehouden met ons eindniveau.’’

Lees ook: Hoe staat het toch met de nieuwe zwemwater regelgeving?

Kwaliteitsborging

Volgens Hilhorst zijn het noodzakelijke stappen om te komen tot een uniforme opleidingsstructuur, met bijbehorende afspraken over kwaliteitsborging. Hij is blij met wat er, in relatief korte tijd, bereikt is. “Die landelijke kwaliteitsstandaard voor opleiden en examineren is er nu.’’ Hilhorst beseft dat de aanvullende cursussen voor NBZ en andere particuliere opleidingsinstituten financiële consequenties hebben. Maar hij verwacht dat de investeringen zichzelf terugverdienen. “Al deze opleiders staan voor kwaliteit, transparantie en landelijke uniformiteit. Ook tal van mbo-instellingen voldoen op vergelijkbare wijze aan de landelijke kwaliteitscriteria. Samen leveren al deze partijen een belangrijke bijdrage aan het zwemveilig maken van de Nederlandse bevolking. Uiteindelijk moet de samenwerking ook lonen, met werkgevers en cursisten die bewust kiezen voor een opleidingsinstituut dat bereid is zich te laten controleren door NRZ en beschikt over alle branchecertificaten.’’

Lees dit artikel verder in ZwembadBranche #61




Variodeck