Een aai over de bol, een arm om de schouder: mag dat wel of eigenlijk niet?

Gisteren las ik in Trouw een artikel over een masterclass van Simone Mark (zelfstandig onderwijsspecialist en pedagoge) over lichamelijk contact met kinderen die zij gaf bij een Academie Lichamelijke Opvoeding (ALO) van de Hogeschool van Amsterdam. Gymleerkrachten in spe die door de aard van hun werk kwetsbaar zijn voor beschuldigingen van grensoverschrijdend gedrag. Een steuntje in de rug, een aai over de bol, een arm om de schouder: mag dat wel of eigenlijk niet? Hoewel leerkrachten hierin kwetsbaar zijn, pleit Mark zeker niet voor het vermijden van elk fysiek contact. Mark hamert juist op het belang van wat zij noemt ‘pedagogisch contact’ in het onderwijs.

Taboesfeer

Kwetsbaar zijn voor grensoverschrijdend gedrag geldt natuurlijk ook voor zwemonderwijzers. Al eerder interviewden wij Mark hierover naar aanleiding van haar boek ‘Pedagogisch Contact: verbondenheid door aanraken’. Hierin wilde zij vooral het aanraken in een professionele context plaatsen en het fysieke contact uit de taboesfeer halen. Hier zijn we door incidenten ongewild in terechtgekomen en de gedragscodes en protocollen zijn vervolgens het gevolg van de angst op herhaling. Om risico’s uit te sluiten. In Trouw benadrukt Mark dat als we zo doorgaan, we een hele generatie kinderen ervaringen met normaal fysiek contact ontnemen. Natuurlijk blijft het dan evengoed nog lastig. Op Europees niveau is de zogeheten ondergoedregel van kracht: op die plekken raak je een kind hoe dan ook niet aan. Logisch. Maar wat blijft is het grijze gebied waarvoor geen handboek bestaat, met alle dilemma’s van dien. Mark: ‘Hoe raak ik een kind aan en waar doe je dat? Ook een zwembadmedewerker moet zich bewust zijn van de impact van de aanraking. Het betekent dat je heel bewust moet zijn van je eigen lichamelijkheid en wat je naar het kind uitstraalt. Bij alles wat je doet moet je redeneren vanuit het perspectief van het kind.’

>> Lees ook ‘Hoe raak je een kind aan?’ uit ZwembadBranche #47

Communiceren

De kern van het betoog van Mark is dat pedagogisch contact het ontstaan van verbondenheid stimuleert. Affectieve aanrakingen zijn bedoeld om een kind te waarderen en te bevestigen. ‘Zulke aanrakingen zorgen ervoor dat een kind zich veilig voelt in de les en plezier heeft.’ Maar je wilt natuurlijk onder geen beding de verkeerde indruk wekken. Mark hamert er in de workshop dan ook op dat de studenten duidelijk moeten communiceren. ‘Je moet uitleggen wat je gaat doen. Zeggen: ik sta hier voor jouw veiligheid en vang je op in je zij. En als het toch misgaat omdat je per ongeluk de borsten of billen van een leerlinge aanraakt omdat die dreigt te vallen, bespreek dat dan met de leerlingen. En ook met de ouders om te voorkomen dat het verhaal een eigen leven gaat leiden.’ Maar Mark adviseert ook zeker om met je collega’s als team met elkaar in gesprek te gaan en dat grijze gebied te durven onderzoeken. ‘We moeten samen de angst kwijtraken dat aanrakingen seksueel of mishandelend worden geïnterpreteerd. Aanraking, in onze vanouds rationele cultuur toch al niet populair, is een levensvoorwaarde en toe aan een herwaardering.’

Simone Mark is als zelfstandig onderwijsspecialist verbonden aan het Centrum Pedagogisch Contact.