11 oktober - ZwembadBranche Dag

Pret en plezier

De laatste weken ben ik op allerlei manieren het woord ‘plezier ‘ tegengekomen. Met collega’s gaat het vooral over zwemplezier en met sollicitanten over werkplezier. Natuurlijk hangen deze ook sterk samen. Wanneer lesgevers plezier hebben in hun werk, straalt dat af op hun lessen. Zij zijn enthousiast en halen het beste uit de kinderen naar boven. Wat vervolgens bijdraagt aan het zwemplezier van kinderen. Maar wat is precies plezier?

Wat is plezier?

Voor mij gaat het verder dan lol maken en pret beleven. Echt plezier hebben gaat ook over voldoening voelen, je veilig voelen en je gezien weten. Om dat te kunnen ervaren moet er worden voldaan aan een aantal psychologische basisbehoeften: relatie, autonomie en competentie. Deze behoeften zijn niet los van elkaar te zien, want zij houden elkaar als het ware in evenwicht. De behoefte aan autonomie kan alleen worden vervuld als de relatie zo goed is dat je op elkaar kunt vertrouwen en je elkaar de ruimte kunt geven om dingen zélf te doen. Andersom geldt het ook, vanuit goede relaties bouw je het zelfvertrouwen op om bepaalde taken zelfstandig uit te kunnen voeren. Dat geldt ook voor je competent voelen. Je kunt die behoefte aan competentie alleen vervullen als er mensen om je heen zijn die je ondersteunen in je professionele ontwikkeling en als je ruimte krijgt om zelfstandig dingen uit te proberen en daarvan te leren. Als je wil dat lesgevers écht werkplezier hebben, zullen deze basisbehoeften zo goed mogelijk worden vervuld. 

Lees ook: Reactief of Creatief

Zwemplezier

Hetzelfde geldt natuurlijk voor zwemplezier. Als wij willen dat kinderen in onze lessen écht plezier hebben, dan zullen we er dus voor moeten zorgen dat diezelfde basisbehoeftes bij hen worden vervuld. Om een goede relatie op te bouwen is het belangrijk dat de lesgever altijd dicht bij de kinderen in het water is en beschikbaar. Daarnaast moeten kinderen de ruimte krijgen om zelfstandig te kunnen werken en ervaren dat nieuwe dingen gaan lukken. Zorgen dus dat er ruimte is voor het geven van individuele leerhulp zodat kinderen tips en aanwijzingen krijgen bij het aanleren van zwemslagen en vaardigheden. Voor mij is het werken in groepjes méér dan alleen maar een manier om het leren van zwemslagen en vaardigheden motorisch makkelijker te maken. Als ‘bijvangst’ worden hier ook nog eens ‘als vanzelf’ de psychologische basisbehoeften van een kind vervuld. De kinderen kunnen een goede band opbouwen met de lesgever omdat deze steeds dichtbij is. Tijdens het zelfstandig werken mogen kinderen samenwerken en dat heeft een positieve invloed op de relaties tussen de kinderen onderling. Tegelijkertijd groeien kinderen in ontwikkeling en zelfvertrouwen als ze ervaren dat ze het ook zelf kunnen. En omdat de lesgever steeds slechts een gedeelte van de groep hoeft te helpen bij aanleren en verbeteren, kan er beter gedifferentieerd worden en neemt het aantal succeservaringen toe. Wat weer bijdraagt aan het gevoel van competentie. Zeker als dan daarna ook nog eens zelfstandig geoefend mag worden met oefenstof die al bekend is. 

Werkplezier

Kortom, het werken in groepjes is een heel simpele oplossing die ervoor zorgt dat de psychologische basisbehoeften van elk kind zo goed mogelijk worden vervuld. En dat is dan weer de beste basis om te komen tot écht zwemplezier. Niet alleen maar lol maken, maar plezier voelen van binnenuit. Hoe fijn is dat. Het werken in groepjes zorgt voor een optimaal motorisch leerproces en voor écht zwemplezier: kinderen die goed leren zwemmen, zwemvaardig én zwemveilig worden en dat ook nog op een wijze waarbij zwemplezier centraal staat. Ik zou zeggen, ga het eens proberen en wellicht draagt het dan ook bij jouw eigen werkplezier.

Onze kleinkinderen zwemmen vaak, het zwembad is immers altijd dichtbij. En ze mogen, binnen de grenzen van veiligheid en met de ouders binnen handbereik, zélf weten wat ze doen, met wie ze dat doen, hoelang ze iets doen en welke materialen ze willen gebruiken. De ideale manier om heel veel pret te maken en écht plezier te hebben!

Deze column is geschreven door Claartje Driessen en verscheen in ZwembadBranche #83