Helft Nederlanders vindt C-diploma minimaal vereiste voor zwemmen in zee

Nederlanders herkennen dat zwemmen in meer complexe situaties vraagt om meer gevorderde zwemdiploma’s. Voor overdekte zwembaden zonder stromingen of glijbanen acht één op de tien (8%) een C-diploma noodzakelijk om daar veilig in te kunnen zwemmen. Voor natuurlijk zwemwater is dat een kwart (26%) en voor zwemmen in de zee acht de helft (52%) minimaal een C-diploma noodzakelijk.Dit blijkt uit een onderzoek van het Mulier Instituut onder ruim 1500 Nederlanders van 15 tot 80 jaar. Het onderzoek vormt een onderdeel van het project NL Zwemveilig dat tot doel heeft om de zwemveiligheid van de Nederlandse bevolking op een zo hoog mogelijk niveau te krijgen.

Belang C-diploma

Naarmate de zwemsituatie complexer wordt, herkennen ouders dat een meer gevorderd zwemdiploma noodzakelijk is. In een overdekt zwembad zonder uitdagingen vindt ongeveer de helft van de Nederlanders een A-diploma voldoende. Terwijl in een zwembad met stroming en glijbanen nog maar 18 procent een A-diploma voldoende vindt. Voor zwemmen in de zee is dit percentage gezakt naar 8 procent. Voor zwemmen in buitenwater (zonder zwemgedeelte) vindt 39 procent van de Nederlanders dat daarvoor minimaal een C- diploma of meer nodig te vinden. Voor zwemmen in de zee is dat 52 procent. In 2017 geeft 27 procent van de Nederlandse bevolking aan een A-diploma voldoende te vinden om – in het algemeen – veilig te kunnen zwemmen (figuur 2). 49 procent vindt een B-diploma voldoende, 21 procent het C-diploma. 3 procent van de Nederlanders geeft aan dat het niet nodig is dat een kind een diploma heeft om veilig te kunnen zwemmen. Ten opzichte van de vorige metingen in 20081 en 20132 lijkt het erop dat meer mensen het belang van een C-diploma voor de zwemveiligheid onderschrijven.

Zwemmen en zwemveiligheid

Bijna drie kwart van de Nederlanders is het eens met de stelling ‘Zwemmen verleer je nooit’ (figuur 3). Dit betekent niet dat zij ook vinden dat de zwemvaardigheid altijd even goed blijft. 57 procent van de Nederlanders is het eens met de stelling dat het bij zwemmen belangrijk is om de zwemvaardigheid op peil te houden. Nederlanders zijn verdeeld over de vraag of de zee geschikt is voor een kind om in te zwemmen. De helft van de Nederlanders vindt de zee ongeschikt. Een vijfde vindt de zee wel geschikt, een kwart is hierin ‘neutraal’. Ook over het zwemmen in het zwembad bestaat discussie. 30 procent van de Nederlanders vindt dat een kind tot 12 jaar zonder begeleider naar het zwembad kan, wanneer het kind een diploma heeft. 36% is het daar niet mee eens, en ziet wel een rol weggelegd voor de ouder/begeleider, ook als het kind een zwemdiploma heeft. Tot slot zijn de Nederlanders bevraagd over schoolzwemmen. 79 procent van de ondervraagden geeft aan dat schoolzwemmen terug dient te komen4. 14 procent is neutraal en 7 procent geeft aan het met deze stelling oneens te zijn.

Workshop ‘Zwemveiligheid’ tijdens ZwembadBranche Dag

Wil je meer weten over onze zwemveiligheid? Kom naar de workshop ‘Hoe kunnen we de zwemveiligheid verhogen?’ van NL Zwemveilig tijdens de ZwembadBranche Dag op 11 oktober in Utrecht. Een bezoek aan deze dag is bij voorregistratie gratis voor professionals uit de branche. Kijk voor meer informatie en aanmelden op ZwembadBranche.

 
 Pomaz