Zwemlesplan of zwemwerkplan: spreken we nog wel dezelfde taal?

Als opleider draai je soms op de automatische piloot mee in de vaktaal die we in de zwembranche al jaren met elkaar spreken. Zo vragen we vanuit de opleidingen al tijden aan onze cursisten om in hun stagebad op zoek te gaan naar ‘het zwemlesplan’. Deze zwemlesplannen zijn de afgelopen jaren flink aangescherpt en uitgebreid en we weten natuurlijk allemaal wel waar zo’n plan uit moet bestaan. Totdat je ineens door een stagiair op je eigen blinde vlekken wordt gewezen.

Scherpe blik

Mijn stagiair was voor zijn opdracht op zoek naar het zwemlesplan, maar toen hij in het document van zijn accommodatie dook, viel het hem op dat het eigenlijk veel meer een zwemwerkplan was. Sterker nog: beide vormen zaten door elkaar heen verweven. Hij wees me daar niet alleen scherp op, maar hielp me direct op weg met een heldere uitwerking om het onderscheid te duiden. Dat zette mij meteen aan het denken: kijken wij nog wel met een scherpe blik naar wat we vragen? En is het voor iedereen op de werkvloer eigenlijk wel helder wat we bedoelen met al die plannen? Het was voor mij de directe aanleiding om hier eens dieper in te duiken. Want als we in de branche dezelfde taal spreken, maken we met elkaar ook weer veel helderder wat we nu eigenlijk echt willen bereiken in ons zwemonderwijs.

‘zwemlesplan’ of ‘zwemwerkplan’?

In de praktijk zien we dat de termen ‘zwemlesplan’ en ‘zwemwerkplan’ vaak door elkaar worden gebruikt of op één hoop worden gegooid. Maar inhoudelijk dienen ze echt een ander doel. Het zwemlesplan is het strategische en organisatorische fundament van de organisatie (waar ook tijdens audits kritisch naar wordt gekeken). Hierin staan de missie, visie, organisatiestructuur (groepsgroottes, lesduur, niveau-indeling) en de protocollen rondom veiligheid en licenties. Het geeft antwoord op de vraag: waarom en hoe organiseren we ons zwemonderwijs en wat zijn onze doelen? Het zwemwerkplan is de praktische vertaalslag naar de werkvloer. Het geeft aan in welk niveau, welke groep of fase de specifieke les plaatsvindt en wat daarbinnen de eindtermen zijn. Maar belangrijker nog: het geeft de kaders én de ruimte aan de zwemonderwijzer. Hoeveel flexibiliteit heb je? Wat verwachten we op het gebied van pedagogisch/ didactisch handelen, differentiatie, lestempo, actieve zwemminuten versus rust, en hoe geef je binnen de afspraken situationeel leiding aan je groep?

Lees ook: Noem het vak bij de juiste naam: zwemonderwijzer

Van ‘moetjesdocument’ naar strategisch werkdocument

Waar we jaren geleden bij zwembaden vaak nog strandden op een summier conceptdocument met enkel wat niveaugroepen, zien we gelukkig dat de plannen steeds rijker en professioneler zijn geworden. Toch ligt het risico op de loer dat een zwemlesplan een statisch ‘moetjesdocument’ is dat in de kast ligt en alleen tevoorschijn komt bij een audit of gevraagd wordt voor een opdracht van een stagiair. Een gemiste kans, want naast missie en visie is juist de strategie voor de organisatie zo waardevol om vast te leggen. Wil je als team bijvoorbeeld een vernieuwing of een andere didactische aanpak doorvoeren? Neem dat helder op in je plan. Koppel er de benodigde scholing aan vast, maak afspraken over een oefenperiode en plan vaste evaluatiemomenten in. Als je je doelen voor een bepaalde periode zo helder formuleert, neem je je team veel beter mee in de doorontwikkeling. Het zwemlesplan wordt zo een koersbepalend document, terwijl het zwemwerkplan de dagelijkse handleiding vormt op de kant.

De uitvoering in de dagelijkse praktijk

Uiteindelijk valt of staat alles met de uitvoering aan de badrand. Werken we in de dagelijkse praktijk ook echt zoals we met elkaar hebben afgesproken? Een zwemonderwijzer heeft behoefte aan helderheid over de verwachtingen, maar ook aan professionele ruimte. Soms ligt een lesopbouw heel strak vast, maar bij veel accommodaties is er juist ruimte voor eigen didactische invulling en situationeel handelen. Het zwemwerkplan biedt dan kaders, je weet binnen welke fase je werkt en wat de doelen zijn, maar je houdt de flexibiliteit om maatwerk te leveren. Wanneer het zwemlesplan (de strategische koers voor de langere termijn en de audits) en het zwemwerkplan (de uitvoering aan de kant per les) goed op elkaar zijn afgestemd, ontstaat er rust, kwaliteit en continuïteit. Dankzij de scherpe blik van deze stagiair werd ik er weer aan herinnerd hoe belangrijk het is om onze eigen vaste patronen en formulering te blijven bevragen. Laten we in de branche niet alleen documenten maken omdat het ‘moet’, maar ze zo inrichten dat ze ons zwemonderwijs én onze teams dagelijks echt verder helpen.

Deze blog is geschreven door Sabrina Miedema. Als mbo-docent Sport en Bewegen, opleider en examinator richt zij zich met haar onderneming Sabrina Miedema op de vakbekwaamheid in de zwembranche. Zij leidt zwemonderwijzers en toezichthouders op, traint stagebegeleiders en begeleidt teams bij pedagogische en didactische leervraagstukken.


advertentie

Poolmotive slimme afdeksystemen voor openbare zwembaden