Ik zou zo graag af willen van het woord ‘instructeur’ als we het hebben over de professional die kinderen leert zwemmen. Niet omdat het woord fout is, maar omdat het ons vak simpelweg tekortdoet. Een instructeur geeft instructies. Een instructeur vertelt wat iemand moet doen en ziet toe op de uitvoering. Maar wie dagelijks voor een groep kinderen aan de rand van het zwembad staat, doet zoveel meer dan dat. De term ‘zwemlesgever’ komt al iets dichterbij. Het zegt dat je zwemlessen geeft. Maar ook dat vind ik uiteindelijk te beperkt. Ik pleit daarom voor de titel: zwemonderwijzer. Want wat wij doen is geen kunstje aanleren. Het is onderwijs!
Professionele afwegingen
Natuurlijk werken we in de zwembranche met methodes en lesplannen. Maar een methode voer je niet klakkeloos uit volgens een vast stappenplan. Een deskundige maakt aan de rand van het bassin voortdurend professionele afwegingen. Pedagogisch, didactisch én vakinhoudelijk. Als zwemonderwijzer observeer, analyseer en differentieer je aan de lopende band. Je sluit aan bij verschillende leeftijden, uiteenlopende ontwikkelingsniveaus, motorische mogelijkheden én de individuele leerbehoeften van een kind. Ondertussen bewaak je continu de fysieke en emotionele veiligheid van de hele groep. Daar komt in het huidige tijdsgewricht ontzettend veel vakkennis bij kijken zoals kennis van motorische ontwikkeling, biomechanica en zwemtechniek. Maar ook inzicht in leerprocessen, motiverende didactiek en gedragsbeïnvloeding. Je moet weten hoe je omgaat met angst, onzekerheid, weerstand en sensorische prikkelverwerking en vroegtijdig ontwikkelings- en leerproblemen kunnen signaleren. Ook moet je professioneel kunnen communiceren met het kind én de vaak meekijkende ouders. Dat is geen simpel instrueren. Dat is hoogwaardig onderwijzen.
Waarom taal er wél toe doet
We leren kinderen niet simpelweg een paar zwemslagen om een diploma te halen. We leggen de basis voor een leven lang veilig en zelfredzaam bewegen in en rondom het water. Het woord onderwijzer maakt dan ook veel meer zichtbaar wat er écht gebeurt op de zwemles: iemand die deskundig een ingewikkeld leerproces begeleidt. Waarom dat zo belangrijk is? Taal vormt onze werkelijkheid. Als we willen dat het zwemonderwijs door de buitenwereld — én door de politiek, onderwijsinspectie en maatschappij — als een serieus en professioneel vak wordt gezien, begint dat bij de naam die we er zelf aan geven. Hoe we ons vak noemen, heeft bovendien directe invloed op hoe we vacatures insteken en hoe we nieuwe talenten aantrekken. Wanneer we de nadruk leggen op de pedagogische en didactische diepgang van het beroep, trekken we ook professionals aan die bewust kiezen voor het onderwijzen en begeleiden van kinderen.
Tijd voor herwaardering
Dus laten we stoppen met de term ‘instructeur’ omdat we dat nu eenmaal zo gewend zijn. Laten we stoppen met ‘zwemlesgever’ omdat het toevallig makkelijk bekt. Laten we het vak de herkenning en herwaardering geven die het verdient: zwemonderwijzer. Omdat er onderwijs wordt verzorgd door deskundigen die een prachtig en verantwoordelijk beroep uitoefenen. Mijn oproep aan managers, opleiders en leidinggevenden in de branche is dan ook: kijk eens kritisch naar je eigen functiematrix, vacatureteksten en communicatie. Pronkt de naam ‘zwemonderwijzer’ al op de kaartjes van jouw team?
Deze blog is geschreven door Sabrina Miedema. Als mbo-docent Sport en Bewegen, opleider en examinator richt zij zich met haar onderneming Sabrina Miedema op de vakbekwaamheid in de zwembranche. Zij leidt zwemonderwijzers en toezichthouders op, traint stagebegeleiders en begeleidt teams bij pedagogische en didactische leervraagstukken.