Wat kan jij doen om het wél te laten slagen?

Leren zwemmen is niet voor ieder kind hetzelfde, elk kind is weer anders. Maar wat als een kind een beperking heeft? Volgens Patty van ‘t Hooft en Irma Kokx is exclusief zwemonderwijs dan niet altijd de oplossing. Kinderen met een speciale onderwijsbehoefte voelen zich even normaal als ieder ander kind en voor hen kan de inclusieve zwemles daar juist op een positieve manier aan bijdragen. Goed differentiëren is dan wel een belangrijke voorwaarde. Maar er zijn meer aandachtspunten. In het boek ‘ZWI +: Zwemles geven aan kinderen met een speciale onderwijsbehoefte’ geven zij vanuit hun kennis en expertise inzichten en tips voor een inclusieve zwemles met kinderen met een beperking. 

Inclusieve zwemles

Patty van ‘t Hooft en Irma Kokx zijn beiden geen onbekende in de branche. Van ’t Hooft is als docent lichamelijk opvoeding en psychomotorisch therapeut al haar hele loopbaan betrokken bij het (leren) zwemmen. Kokx heeft jarenlang zwembaden geadviseerd op het gebied van exploitatie en communicatie en beschreef in haar boek ZVVEM haar eigentijdse kijk op zwemles. Opmerkelijk genoeg hadden hun paden elkaar nog niet gekruist, tot zij elkaar vonden in het leren zwemmen van kinderen met een speciale onderwijsbehoefte. Maar vooral ook in hun pleidooi voor de inclusieve zwemles voor ieder kind. Want elk kind kan ‘gewoon’ leren zwemmen, zo benadrukt Kokx, en een beperking hoeft geen belemmering te zijn. “Een aangepast programma kan helpen, maar als een kind altijd één op één les heeft gehad dan betekent het hebben van zwemvaardigheden nog niet dat dit kind veilig met anderen kan participeren in het zwembad met een kinderfeestje of bij discozwemmen.” Waarbij Van ’t Hooft benadrukt dat het ook niet nodig is. “Uiteraard is niet elk leertraject hetzelfde en soms ervaren lesgevers kinderen met een speciale onderwijsbehoefte als lastig. Maar kinderen zijn nooit bewust lastig, sommige vragen alleen een andere benadering en die kun jij als professional geven. Moet je  soms wel uit je comfortzone stappen en niet blijven hangen in een aanpak, maar jouw aanpak aanpassen aan het kind.”

Lees ook: Kinderen met autisme leren zwemmen: wat gaat er anders?

Geen belemmering

Het boek is een bundeling van kennis, expertise en ervaring en gaat dieper in op het herkennen van stoornissen en beperkingen die leiden tot een speciale onderwijsbehoefte. Daarnaast wordt stilgestaan bij hoe kinderen kunnen drijven, zweven en zinken met bijvoorbeeld een spier-, botziekten of een missend lichaamsdeel. Ook worden de leerfasen van de Halliwick methode beschreven. Deze methode was in eerste instantie bedoeld voor mensen met een beperking om te kunnen bewegen in het water, maar wordt nu ook ingezet om te leren zwemmen. Daarnaast wordt gekeken vanuit het didactisch perspectief met onder meer het ‘Loopt ‘t, Lukt ’t en Leeft ’t’ model en vanuit het pedagogisch perspectief middels motiveren en belonen. Waarbij Kokx voor het laatste wijst op de paradox van het compliment. “De terugkoppeling is natuurlijk essentieel en kent verschillende fasen. Naast feedback is de feed up voorafgaand belangrijk, zodat een kind weet wat er wordt verwacht, en de feed forward erna, zodat duidelijk is wat er nog moet gebeuren. Daarbij moet de feedback passend zijn, een algemeen en groots compliment kan juist averechts werken en zorgen voor minder zelfvertrouwen. Leg daarom de nadruk op de inspanning en niet meteen op het eindresultaat. Als je zegt: ‘Je bent de beste in drijven’, voer je de druk te veel op. Beter kun je zeggen: ‘Ik zie dat je goed aan het oefenen bent’.”

Lees het gehele interview met Patty van ‘t Hooft en Irma Kokx in ZwembadBranche #83

‘ZWI +: Zwemles geven aan kinderen met een speciale onderwijsbehoefte’ kun je bestellen via de Uitgeversgroep.




Sera Dataduiker