Sport en bewegen voor een vitale, veerkrachtige en inclusieve samenleving

Sporten is gezond voor lichaam en geest. Maar hoe kun je sport ook inzetten voor een vitale, veerkrachtige en inclusieve samenleving? Dat is de vraag waar Frank van Eekeren en zijn onderzoekers van het lectoraat ‘Impact of sport’ van De Haagse Hogeschool voor staan. Bewegen is goed voor een gezonde leefstijl, maar er is ook steeds meer aandacht voor de sociale impact. “Sporten en bewegen zorgen voor waardevolle ontmoetingen die mensen het gevoel geven dat ook zij meedoen en erbij horen. Met het lectoraat willen we middels sporten met, voor en door bewoners de sociale cohesie bevorderen en de leefbaarheid van een wijk vergroten.”

Sporten brengt mensen in beweging en tot elkaar. Waarbij het bij elkaar brengen, de ontmoeting, Van Eekeren het meeste intrigeert. “Of het nu gaat om het langs de badrand zitten, het meedoen met een team aan een competitie of een individuele sport, er ontstaan (on)verwachte waardevolle ontmoetingen. Naast een gezonde leefstijl zit de kracht van sport en bewegen namelijk ook in het sociale aspect.” Het is daarmee een mooie aanvulling op de lectoraten in Nederland die zich vooral richten op andere aspecten van sport en bewegen, zoals motorische ontwikkeling, lichamelijke opvoeding en een veilig sportklimaat. Het gaat voor Van Eekeren namelijk ook om wat het teweeg kan brengen binnen een gemeenschap. “Wij richten ons op wijken in Nederland die kwetsbaar zijn en waar het belangrijk is dat men met elkaar in contact komt, maar waar dat niet vanzelf gaat.”

Lees ook: Zwemmen houdt je hersenen fit en vitaal

Sociaal netwerk

Middels actieonderzoek wil Van Eekeren kijken hoe je met sportstimulering het sociaal kapitaal van een wijk kunt verzilveren. “In een kwetsbare wijk wonen veel mensen met verschillende nationaliteiten en achtergronden. Voor een sterk sociaal netwerk moeten ze elkaar leren kennen, begrijpen en weten te vinden.” Volgens Van Eekeren spelen sporten en bewegen hierbij een belangrijke verbindende rol. “Bewegen moet daarom ook toegankelijk zijn voor mensen met culturele, economische of persoonlijke barrières.” In de politiek komt hier steeds meer aandacht voor, in het advies van de NLsportraad werden kwetsbare groepen nadrukkelijk genoemd. Toch zijn er volgens Van Eekeren ook nog uitdagingen. “Wij zien mooie initiatieven, maar er wordt nog te weinig naar het bredere plaatje gekeken. Wij kijken bewust naar een leefgemeenschap in zijn geheel. Hoe kun je onderling ontmoetingen stimuleren en van waarde laten zijn? Je moet dan op zoek naar wat mensen verbindt, daar zit de kracht.” Dit lijkt op de rol van de buurtsportcoaches, alleen Van Eekeren vindt dat zij nog te weinig als een makelaar worden ingezet. “Binnen onze projecten focussen wij ons op het gezamenlijk creëren van initiatieven, met door en voor de bewoners en alle andere betrokken partijen. Om vervolgens de opgedane kennis te gebruiken voor andere leefgemeenschappen, zowel stedelijk als landelijk. Uiteraard kan een aanpak heel specifiek zijn en niet werkbaar in andere settings, maar het geeft hoe dan ook interessante informatie.”

Living labs

Momenteel worden er met twee living labs in Den Haag geëxperimenteerd met verschillende vormen van sportaanbod en manieren van organiseren. Gekeken wordt naar mogelijke sportactiviteiten en faciliteiten, maar bovenal is het belangrijk dat mensen in de wijk serieus worden genomen en dat er naar hen wordt geluisterd. “De ontmoetingen die wij willen stimuleren zijn waardevol omdat ze ervoor zorgen dat mensen het gevoel krijgen ergens bij te horen en gehoord te worden.” Waarbij het volgens Van Eekeren ook vooral de kunst is om hier open in te staan. “Wij zijn onbewust geneigd om in hokjes te denken, maar dat moeten we echt loslaten. Ook al lijkt het goedbedoeld, we moeten niet voor elkaar gaan invullen. Zo hebben wij geprobeerd om moeders en kinderen meer in beweging te krijgen door met elkaar te sporten, goed voor de gezondheid en de familieband. Maar wat bleek, men vond helemaal niet dat men te weinig in beweging was. We moeten uitkijken dat we niet gaan stigmatiseren, dan schiet het zijn doel voorbij.” In de living labs worden beleidspartijen en sportaanbieders samengebracht, maar Van Eekeren ziet ook zeker een rol weggelegd voor commerciële partijen die zijn gevestigd in de wijk. “Ondernemers kunnen hierin eveneens een rol van betekenis spelen. Supermarkten kunnen bijvoorbeeld meehelpen aan het creëren van een klimaat waar waardevolle ontmoetingen kunnen plaatsvinden.”

Zwembaden

Op de vraag of zwembaden ook betrokken zijn bij de projecten van het lectoraat moet Van Eekeren bekennen dat dit nog niet het geval is. “Door dit interview ben ik mij echter wel gaan realiseren dat dat eigenlijk een gemiste kans is. Het zwembad kan bij uitstek een verbindende rol spelen in een wijk, het is laagdrempelig en geschikt voor jong en oud.” Van Eekeren benadrukt daarbij wel dat het kunnen creëren van eigenaarschap van groot belang is. “Bij een buurtcentrum of sportvereniging hebben mensen het gevoel dat zij zelf invloed kunnen uitoefenen op het centrum of de vereniging, wat een belangrijke voorwaarde is voor waardevolle sociale netwerken. Maar ontegenzeggelijk is het zwembad een mooie plek voor initiatieven waar bewegen en ontmoeten centraal staan. Ik zou mij een taalles voor ouders die wachten tijdens een zwemles kunnen voorstellen of een groep ouder en kind zwemmen die tevens dient als een sociaal netwerk.” Daarnaast hebben zwembaden tijdens de lockdown ook ervaren hoe belangrijk de sociale waarde is van doelgroep activiteiten zoals bijvoorbeeld fifty-fit. “Ik zie zeker kansen om samen met zwembaden te werken aan de sociale cohesie in wijken.” Gelukkig hebben Van Eekeren en zijn onderzoekers nog tot 2025 om dit in de praktijk te kunnen brengen.