Kamerlid stelt vragen over sluiten zwembaden aan minister

Op 4 november moesten de zwembaden hun deuren sluiten als maatregel tegen de verspreiding van het coronavirus. Het moge duidelijk zijn dat onze gezondheid voorop staat. Maar door het sluiten van de zwembaden kunnen veel mensen jong en oud niet bewegen in het water, revalideren, trainen en leren zwemmen. Is er een goede afweging gemaakt in wat het de gezondheid oplevert en wat het de gezondheid kost? Michiel van Nispen, Kamerlid Socialistische Partij, wil hierop graag een antwoord en heeft Tamara van Ark, minister voor Medische Zorgen Sport, schriftelijk vragen gesteld over het sluiten van zwembaden en het stoppen van zwemlessen voor kinderen.

Vragen voor de minster

  1. Bent u bekend met de oproep vanuit de zwembranche, de petitie en de brandbrieven die inmiddels zijn gestuurd over het sluiten van zwembaden en het stoppen van zwemlessen voor kinderen?
  2. Klopt het dat kort na de persconferentie van 3 november 2020 aanvankelijk het bericht luidde dat zwembaden alleen nog de deuren geopend mochten houden voor zwemlessen aan kinderen tot en met 12 jaar, maar dat bijna een dag later het bericht kwam dat de zwembaden toch volledig moesten sluiten? Wat is er misgegaan met deze communicatie? Wat is hier precies gebeurd?
  3. Zijn de gevolgen voor het zwemonderwijs en kinderen van dit gewijzigde besluit in kaart gebracht voor hiertoe is besloten?
  4. Onderschrijft u dat zwemmen, net als andere vormen van sport en bewegen, een bijdrage levert aan de fysieke en mentale gezondheid van mensen, en dat zwemmen aanvullend een onmisbare bijdrage levert aan de zwemveiligheid van kinderen en voor kwetsbare doelgroepen een laagdrempelige of zelfs enige mogelijkheid van bewegen is?
  5. Waarom wordt zwemmen dan anders beoordeeld dan andere sporten en bewegen en zijn de zwembaden gesloten en de zwemlessen voor kinderen gestopt?
  6. Wat zijn hier nu precies de redenen voor en welke onderzoeken liggen daaraan ten grondslag? Zijn er aanwijzingen dat de omstandigheden in zwembaden bijgedragen hebben aan de verspreiding van het virus? Waaruit blijkt dit? Hoe beoordeelt u de onderzoeken en de meest recente wetenschappelijke inzichten die juist het tegenovergestelde lijken te onderbouwen?
  7. Is de zwembranche er naar uw mening de afgelopen periode in geslaagd om een veilige omgeving te bieden in zwembaden? Zo nee, op welke punten was men in gebreke?
  8. Wat zijn de gevolgen voor de zwemveiligheid onder kinderen als erkend wordt dat leren zwemmen een basisbehoefte en noodzaak is in een waterrijk land als Nederland? Is het dan niet vreemd dat zwemlessen niet door mogen gaan terwijl andere sporten voor kinderen wel door kunnen gaan?
  9. Wat is uw reactie op het pleidooi, zoals geuit in de brieven, om de Nederlandse zwembaden zo spoedig mogelijk te heropenen en in ieder geval de zwemlessen voor kinderen doorgang te laten vinden?
  10. Bent u bereid deze vragen met de grootst mogelijke spoed te beantwoorden?

Lees hier de brief aan minister Van Ark.




Hellebrekers
X