Cijfers zwembadbranche weer boven water

In opdracht van Vereniging Sport en Gemeenten onderzocht Mulier Instituut het aanbod van zwemwater door zwembaden in Nederland. De resultaten van dit onderzoek zijn gepubliceerd in de ‘Zwemmonitor 2012 – een beeld van het aanbod van zwemwater in Nederland’. Met dit rapport beschikt de branche weer over een instrument met actuele kerncijfers. Het laatste grote onderzoek naar de omvang van de branche stamt uit 2002 (NRIT).

‘De Zwemmonitor’ maakt onderdeel uit van het project ‘Waterdicht’ en is een initiatief van de Vereniging Sport en Gemeenten. In dit project staat de ontwikkeling van de zwemvaardigheid van kinderen in het primair onderwijs in Nederland centraal. Om de zwemvaardigheid te stimuleren was inzicht nodig in de aanbodzijde. ‘De Zwemmonitor 2012 ’ biedt dit inzicht en schetst een actueel beeld van dit aanbod. Het onderzoek bestond uit een vragenlijst die is uitgezet onder alle zwembaden en zwemlesaanbieders in Nederlanden én een secundaire bronnenanalyse. In het rapport wordt onder andere aandacht besteed aan het aantal zwembaden in Nederland, het type, de geografische spreiding en openstelling. ‘Zwemmonitor 2012 – een beeld van het aanbod van zwemwater in Nederland’ is de eerste publicatie in een mogelijke reeks. Eind 2012 volgt een tweede publicatie met gegevens uit de Zwemmonitor.

Resultaten
De ’Zwemmonitor 2012’ telt 1.537 zwembaden in Nederland, dat waren er in 2002 nog 1.593 (NRIT, 2002). Meer dan de helft van de zwembaden is overdekt, een derde is een openluchtzwembad en de overige zijn combizwembaden. Een derde van de zwembaden is een solitair (zelfstandig) zwembad, eenzelfde percentage behoort tot de verblijfsrecreatie (onderdeel van een bungalowpark, camping, hotel). Ongeveer de helft van de zwembaden in Nederland is openbaar toegankelijk, evenveel zwembaden zijn alleen toegankelijk voor eigen gasten, leden, etc. Noord-Brabant en Gelderland tellen de meeste zwembaden. In Zeeland en Drenthe zijn er de meeste zwembaden per 25.000 inwoners, maar juist weer relatief weinig zwembaden per 100 km2. Flevoland en Friesland hebben de minste zwembaden per 100 km2. Twee derde van de openingsuren wordt gebruikt voor recreatief zwemmen.

Verwachte ontwikkeling
In 2030 zijn omvang, samenstelling en spreiding van de bevolking sterk veranderd. Uitgaande van het huidige aantal zwembaden zal de druk op zwemwater (aantal zwembaden per 25.000 inwoners) in stedelijke gebieden toenemen. 12 procent van de zwembaden wordt met sluiting bedreigd, wat kan leiden tot een verdere toename van de druk op zwemwater.

Het volledige onderzoeksrapport is te downloaden via deze link

 
 Variopool