23 april ZwembadBranche Dag Belgie

Hoe blijf je scherp?

Drukte in het zwembad, lastig gedrag van bezoekers, hoge luchtvochtigheid, moeilijke hoeken in de bassins en voor de buitenbaden ook nog eens schittering van de zon. Allemaal factoren die het werk van toezichthouders kunnen bemoeilijken. Maar uiteraard wil je dat er geen enkele belemmering is, veiligheid gaat immers boven alles. Toezichthouden vraagt veel van medewerkers: wat kun je eigenlijk vragen?

Het is intensief, je moet continu op scherp staan en mag niks aan het toeval overlaten. Daarnaast moet je ook nog eens klaarstaan voor bezoekers. Hoe blijf je dan alert? Fren Smulders is cognitief neurowetenschapper aan de Universiteit van Maastricht en houdt zich onder meer bezig met ‘sustained attention’, oftewel volgehouden aandacht. Precies dat wat je nodig hebt om je werk als toezichthouder goed te kunnen doen. “In de wetenschap is veel geschreven over hoelang mensen scherp kunnen blijven en onder welke omstandigheden. Niet als het specifiek om toezichthouden bij zwemwater gaat, maar uit eerdere onderzoeken kunnen we wel interessante informatie halen.” 


Ben jij op zoek naar een leverancier van LED verlichting voor in jouw zwembad of zwemschool? 👉 Klik hier.



Volgehouden aandacht

Vlak na de Tweede Oorlog is er onderzoek gedaan bij piloten die op hun radarsysteem een stipje moesten detecteren tussen al het ruis om zo een mogelijk vijandig vliegtuig te signaleren. Het bleek dat men veelal niet of te laat reageerde en dat hun reactievermogen afnam na verloop van tijd. Nu is het zeker niet één op één te vergelijken met toezichthouden, maar volgens Smulders geeft het wel aan dat het ook als toezichthouder lastig kan zijn om scherp te blijven. Daarbij is van invloed dat de gebeurtenis die moet worden gedetecteerd zelden voorkomt. “Bij toezichthouders is de taak, urenlang opletten of er iemand dreigt te verdrinken, op zichzelf niet heel inspannend. Het moeilijke is dat de gebeurtenis eigenlijk heel zeldzaam is, wat een effect heeft op de volgehouden aandacht. We weten dat mensen dit soort aandacht nooit urenlang kunnen volhouden, ook al gaat het om leven of dood. Ik zou verwachten dat na een minuut of 30 de alertheid afneemt.” Wat hierbij ook een rol speelt volgens Smulders is de omgeving. “Hoe minder er gebeurt, hoe lastiger het is. Vergelijk het met de snelweg midden in de nacht. Juist doordat er heel weinig verkeer is, kan het lastig zijn geconcentreerd te blijven. Zo kan ik mij ook voorstellen dat het uitmaakt of je toezichthoudt in een kleiner overzichtelijk zwembad of in een zwemparadijs met veel meer prikkels.” Om te zorgen dat je als toezichthouder scherp blijft, helpt het volgens Smulders zeker om even een pauze te nemen. “Als je na 30 minuten een paar minuten iets heel anders doet, kun je weer fris aan het werk.” Tegenwoordig zie je in verschillende sectoren dat dit soort detectiewerkzaamheden worden geautomatiseerd. Smulders benadrukt daarbij wel dat je ook hier moet waken voor afnemende alertheid. “Een drenkelingendetectiesyteem kan ook een incident signaleren, maar na een signaal vanuit het systeem moet er wel worden gehandeld door een medewerker. Het is bij dergelijke systemen dan cruciaal dat het aantal valse meldingen gering is. Bij veel valse meldingen zal de respons minder worden.” 

Dit artikel verscheen eerder al in ZwembadBranche #88

Wil jij de komende editie van ZwembadBranche ook (thuis) ontvangen? Meld je dan aan voor een gratis abonnement via deze link.

Boostsessie

Daarnaast wijst Smulders op een onderzoek in de Verenigde Staten onder toezichthouders van een buitenbad waarbij is gekeken of je toezicht kunt optimaliseren met een interventie. Deze interventie bestond uit een kort cursusprogramma over de waarneming van incidenten, voorlichting over de ernst van incidenten en hulp bij eventuele problemen en vond een maand na het starten van de werkzaamheden plaats. Voor en na de interventie werd door observatoren de kwaliteit van het toezicht gemeten. Het bleek dat deze korte theoretische interventies een positief effect hadden op de kwaliteit van het toezicht. Daarnaast zag men dat het niet alleen een effect had op de toezichthouders, maar ook op de bezoekers. Waarschijnlijk zorgt het nauwkeuriger in de gaten houden van bezoekers ervoor dat men ook eerder geneigd is om zich aan de regels te houden. Hoewel het interessante uitkomsten zijn, wijst men er wel op dat het hier om een onderzoek gaat dat slechts in één zwembad is gehouden, er geen ongevallen hebben plaatsgevonden en dat de observatoren duidelijk zichtbaar waren wat de resultaten mogelijk kunnen hebben beïnvloed. Toch ziet men ook voldoende aanwijzingen dat het regelmatig aanbieden van dergelijke sessies aantoonbaar een waardevolle boost kunnen geven aan het toezicht houden. En daarmee de kwaliteit kunnen verbeteren.

Complex

Uiteraard moet je als toezichthouder te allen tijde scherp zijn en is het belangrijk dat er voorwaarden worden gecreëerd om dit ook mogelijk te maken. Onderzoek hiernaar draagt daar zeker aan bij. Maar daarbij blijft toezichthouden ook complex, meerdere factoren spelen een rol bij het borgen van zwemveiligheid in en om het water. Is de zwemvaardigheid van zwemmers voldoende, is men zich bewust van de gevaren en nemen begeleiders ook hun verantwoordelijkheid als het gaat om kinderen die nog niet (voldoende) kunnen zwemmen? Dit alles is van invloed op de risico’s die water met zich meebrengt. Met elkaar moeten wij er dan ook voor zorgen dat zwemmen leuk en vooral ook veilig blijft voor iedereen.

Lees hier het hele onderzoek ‘A Brief Intervention to Improve Lifeguard Surveillance at a Public Swimming Pool