Ontmoetingen tussen zwemmers met en zonder een verstandelijke beperking belangrijk

Bewegen heeft vele voordelen. Het is natuurlijk goed voor de gezondheid, maar ook voor de ontspanning. Daarnaast heeft het een verbindende functie, bijvoorbeeld voor mensen met een verstandelijke beperking. Het kan namelijk leiden tot ontmoetingen tussen mensen met en zonder een verstandelijke beperking. Dit is belangrijk want ruim de helft van de mensen met een verstandelijke vindt het leuk om in contact te komen met sporters zonder beperking. Door samen te sporten en door elkaar te ontmoeten ontstaat immers wederzijds begrip en waardering. Alleen slechts bij twee vijfde van de mensen met een verstandelijke beperking die sport en beweegt in georganiseerd verband, komen deze ontmoetingen daadwerkelijk tot stand.

#PlayUnified

Dit blijkt uit onderzoek van het Mulier Instituut onder vertegenwoordigers van mensen met een verstandelijke beperking, sportverenigingen en sportbonden. Het betreft een nulmeting in het kader van het programma #PlayUnified van Special Olympics Nederland. #PlayUnified brengt sporters zonder en met verstandelijke beperking met elkaar in contact. Het uitgangspunt van het programma #PlayUnified, een initiatief van Special Olympics Nederland (SON), is dat door samen te sporten en door elkaar te ontmoeten wederzijds begrip en waardering ontstaat. Men wil de houding en het gedrag ten opzichte van mensen met een verstandelijke beperking zo positief beïnvloeden. #PlayUnified richt zich in het bijzonder op jeugd en jongvolwassenen (12-25 jaar) en mensen met een licht tot matige verstandelijke beperking of zwakbegaafheid. Voorbeelden van ontmoetingen die door mensen met een verstandelijke beperking het meest zijn genoemd zijn sporten in dezelfde zaal accommodaties (in aparte teams, 37%), elkaar ontmoeten tijdens gezamenlijke evenementen (29%) of elkaar spreken in de kantine (17%).

Paralympische Spelen

Sport en bewegen voor mensen met een beperking staat de laatste jaren gelukkig steeds meer in de belangstelling van de landelijke en lokale overheid en eveneens bij het bredere publiek. Successen op de Paralympische Spelen, maar ook de toegenomen aandacht voor toegankelijke voorzieningen in de samenleving, dragen daar in belangrijke mate aan bij. Ook weten we uit landelijk onderzoek dat deelnemen aan sport en bewegen voor mensen met een beperking of chronische aandoening niet vanzelfsprekend is en extra stimulans en ondersteuning behoeft, zowel aan de vraag- als aanbodzijde. Reden dat er ook veel aandacht voor is en onderzoek naar wordt gedaan.

Cijfers op een rij

  1. In het afgelopen jaar deed 39% van de mensen met een verstandelijke beperking aan sport, 35% sport minstens wekelijks. Dat is lager dan bij de Nederlandse bevolking (12 jaar en ouder), waar 57% minimaal wekelijks sport. Fitness, voetbal en zwemmen zijn de drie meest beoefende sporten.
  2. De top vijf van sporten die de naasten met een verstandelijke beperking het meest beoefenen bestaat uit fitness (31%), voetbal (23%), zwemmen (23%), vechtsport (8%) en paardrijden (5%).
  3. 35 procent van de mensen met een verstandelijke beperking sport volgens hun vertegenwoordigers wekelijks of vaker, tegen 57 procent van de algemene Nederlandse bevolking van 12 jaar een ouder. Van de mensen met een beperking die wekelijks sport is 37 procent lid van een sportvereniging.
  4. Drie kwart van de mensen met een verstandelijke beperking ervaart belemmeringen bij het sporten en bewegen. De top vijf aan belemmeringen bestaat uit geen behoefte/zin, te weinig (geschikte) begeleiding, gezondheid laat het niet toe, te weinig mogelijkheden in de buurt en vervoer.



“VConsyst”