Leren binnen een rijke leeromgeving: het zwembad als slimme speeltuin

“De (motorische) mogelijkheden van het kind en zijn motivatie moeten de belangrijkste uitgangspunten zijn van een zwemles.” Een pleidooi van Wim van Gelder voor een rijke leeromgeving en aansluiten bij wat het kind kan en wil. Met een instructeur die voorstellen doet die bij het kind of de groep passen. ‘Het zwembad als slimme speeltuin.’

Durven loslaten

Van Gelder weet dat het lastig is. “In de sport en het bewegingsonderwijs zijn we decennia lang uitgegaan van wat het kind moest leren. Vroeger stond een handstand centraal, of een spreidsprong over de bok, ook als een kind daar niet aan toe was of zelfs angst voelde. Het kind werd gedwongen om iets engs te doen, waar het niet toe in staat was en daarbij ook nog eens gadegeslagen door klasgenoten.” Van Gelder noemt het een achterhaalde benadering. “De instructeur moet durven loslaten. Laat het kind, binnen bepaalde grenzen, zelf tot de beste oplossing komen. Binnen dit kader gaat een kind experimenteren. In principe kan een kind geen fouten maken.”

Veranderen

Anders gezegd: een kind moet fouten maken, om te kunnen leren en tot succes te komen. Voor Van Gelder een fundamenteel principe, zowel binnen Motorisch Leren als binnen de Pedagogiek. ”De motivatie is vele malen groter. De instructeur inspireert door zijn aanwezigheid, feedback en met wat hij voorstelt.” Van Gelder is niet bang om de knuppel in het hoenderhok te gooien: binnen het bewegingsonderwijs bestaat het ouderwetse gedachtengoed nog steeds. “Het is niet meer zo uitgesproken als vroeger. Toch zijn er nog steeds scholen die cijfers geven voor het maken van een handstand, ondanks de grote fysieke en genetische verschillen tussen kinderen.” Maar onderzoeken hebben aangetoond dat dit juist averechts werkt. Dat kinderen gedemotiveerd raken om te leren en te bewegen. Ook de kinderen die goede cijfers halen. Van Gelder ziet parallellen met de zwembranche. “Het beeld van de uitleggende zwemleraar op de kant is verleden tijd. Maar toch, de verandering gaat langzaam.” Focus op techniek is wat Van Gelder betreft ook hier taboe. “Het verwart kinderen.”

Basisopstelling

Van Gelder heeft er zijn missie van gemaakt om ervoor te zorgen dat de nieuwste inzichten op pedagogisch gebied, en de principes van motorisch leren, het zwembad bereiken. Het zwembad als slimme speeltuin, dat is zijn ultieme doel. De praktijk is echter weerbarstig. Het ontwerpen en neerzetten van een rijke leeromgeving kost tijd. Vaak wordt daarom geen of minder materiaal gebruikt. “Meestal gaat dat ten koste van de kwaliteit en attractiviteit van een les.” Het bewegingsonderwijs op de basisscholen is sterk verbeterd sinds er gewerkt wordt met een basisopstelling. “Deze opstellingen blijven de hele dag in de gymzaal staan en zijn zo ontworpen dat de kinderen worden uitgedaagd. En omdat er veel klaar staat, is de intensiteit hoog en kunnen kinderen op veel verschillende niveaus deelnemen. Een mooi bijeffect is dat leerkrachten met elkaar in gesprek raken en daardoor verbetert de inhoud van de lessen.” Het is volgens Van Gelder een mooi voorbeeld voor zwembaden. “Het lijkt mij voor elk bad een zeer efficiënte investering.”

Meer weten? Kom naar de workshop van Wim van Gelder op de ZwembadBranche Dag. Van Gelder ontwikkelde een eigen methode voor het onderwijs, ‘Basislessen bewegingsonderwijs’. Deze methode wordt ondertussen breed gebruikt in het gymnastiekonderwijs. In zijn workshop deelt Van Gelder zijn ervaringen met veranderingsprocessen op pedagogisch gebied bij het onderwijs. En wat dit kan betekenen voor het zwemonderwijs: ‘Het zwembad als slimme speeltuin.’




EasySwim Peuter Survival