Zwemveilig in een waterrijke stad

Door bezuinigingen dreigt in steeds meer gemeenten het doek te vallen voor het schoolzwemmen. Een trieste ontwikkeling voor een land als Nederland waar de zwemvaardigheid van groot belang is voor de veiligheid van kinderen. Toch zijn er gelukkig ook nog gemeenten die ondanks bezuinigingen hierin durven te investeren. Zoals de gemeente Amsterdam. Al jaren gaat een groot aantal kinderen uit onze hoofdstad op zwemles onder schooltijd met als mooi resultaat een toename van de zwemveiligheid.

Het lijkt misschien een vanzelfsprekendheid dat kinderen leren zwemmen. Toch is er nog steeds een groep kinderen die de basisschool verlaat zonder een zwemdiploma omdat zij op de één of andere manier niet in aanraking komen met het zwemonderwijs. Het schoolzwemmen biedt dan uitkomst. In Nederland behoort het schoolzwemmen tot het beleid van de gemeente. De Rijksoverheid vindt de stimulering van de zwemvaardigheid in de eerste plaats een verantwoordelijkheid van de ouders, daarbij ondersteund door scholen en gemeenten. Binnen Amsterdam zijn er 7 stadsdelen die schoolzwemmen aan kinderen op de basisschool aanbieden. Gezien de geschiedenis van Amsterdam misschien geen opvallende cijfers. Al in 1921 startte de gemeente met zwemonderwijs voor schoolkinderen. Maar wanneer je kijkt naar de huidige ontwikkelingen en de bezuinigingen bij gemeenten, is het bijzonder om te zien dat het schoolzwemmen in Amsterdam nog steeds bestaat.

Amsterdamse grachten
Heidi Oudejans is werkzaam als coördinator schoolzwemmen bij SportService Amsterdam en sinds 2003 verantwoordelijk voor het schoolzwemmen in Amsterdam. Met haar achtergrond als bewegingswetenschapper en psychomotorisch therapeut en haar ervaringen in het zwemonderwijs weet Oudejans als geen ander hoe belangrijk het is om kinderen op een plezierige manier te leren zwemmen. Zeker in een stad als Amsterdam vindt Oudejans dat ieder kind recht heeft op zwemles. “In Amsterdam ligt alleen al 100 kilometer aan grachten, dan heb ik het nog niet eens over de plassen en andere watertjes. Het leren zwemmen is voor de Amsterdamse kinderen daarom van grote waarde, het verhoogt de veiligheid van een kind”, zo benadrukt Oudejans het belang van het schoolzwemmen. Oudejans coördineert voor vijf stadsdelen het schoolzwemmen voor kinderen uit groep 5. Vanuit SportService Amsterdam wordt ervoor gezorgd dat er voldoende zwembaden en zwemonderwijzers beschikbaar zijn. Oudejans verzorgt tevens de communicatie met de scholen en ziet toe op de kwaliteit. In totaal gaat het om ongeveer 8.000 kinderen die meedoen, waarvan de helft nog niet in het bezit is van een zwemdiploma. “De kinderen die in groep 5 nog geen A-diploma hebben, krijgen in een jaar 36 lessen van 45 minuten. Kinderen die al wel een diploma hebben, krijgen 18 lessen van 45 minuten. Zij doen dan de eerste 18 of laatste 18 lessen mee met hun klasgenoten die geen diploma hebben. Daarnaast bieden we kinderen die naar groep 5 gaan in de laatste week van de vakantie een watergewenningscursus aan om goed voorbereid te zijn op het schoolzwemmen. Tevens mogen kinderen die aan het einde van groep 5 nog geen diploma hebben, in de eerste week van de zomervakantie op kosten van de gemeente extra zwemlessen volgen.”

Rendement
Het schoolzwemmen wordt nauwlettend gevolgd om tijdig te kunnen bijsturen. “In 2002 hebben de stadsdelen, ter bevordering van het slagingspercentage, het aantal lesuren uitgebreid. Een goed initiatief maar dit houdt een keer op, je kunt het aantal uren niet blijven uitbreiden. Daarna hebben we de focus meer gericht op de kwaliteit van het zwemonderwijs om zo nog meer rendement te halen uit het aantal lesuren. Ook vanuit de stadsdelen werd dit gestimuleerd. Men is bereid om te investeren, maar ook zij moeten op de centen letten. Het is dan van belang dat je nog meer haalt uit de investeringen die je doet”, aldus Oudejans. De kwaliteit toetst SportService Amsterdam niet zelf, maar besteedt men bewust uit aan een externe partij. “Wanneer wij het toetsen op ons zouden nemen keuren wij als slager ons eigen vlees, dat zou niet goed zijn. We werken daarom sinds 2005 samen met een kwaliteitscontroleur die geregeld de zwembaden controleert. Er wordt dan gekeken naar de zwemlessen, de veiligheid, de hygiëne en de wijze van lesgeven. Vanuit de gemeente hechten wij veel waarde aan eigentijds onderwijs, met individuele aandacht voor het kind. De zwemonderwijzer met de haak is gelukkig al lang verleden tijd.” Maar er wordt ook gekeken naar de organisatie en of de administratie wel goed op orde is. Vervolgens wordt hier een rapportage van gemaakt. Schokkend zijn deze rapportages niet volgens Oudejans. “Natuurlijk zijn er verbeterpunten, het kan altijd beter. Samen met de baden werken wij vervolgens aan deze punten om zo het schoolzwemmen steeds weer naar een hoger niveau te tillen.”

Lees verder in ZwembadBranche #34

 
 “VConsyst”