Tweeluik Visie toekomst arbeidsmarkt – deel 2

Nieuwe afspraken tussen werkgever en werknemer zijn nodig om de vergrijzing het hoofd te bieden. Dat zegt Bert Lavrijsen, directeur van Laco dat zo’n veertig sport- en vrijetijdscentra in Nederland exploiteert. In de nabije toekomst voorziet Lavrijsen een heel ander personeelsbeleid in de zwembaden. Veel meer gericht op flexibiliteit en individualisering. Met diensten die door afgeslankte organisaties steeds vaker zullen worden ingekocht. ‘We staan aan de vooravond van een heuse revolutie.’

Lavrijsen gelooft niet in bedreigingen. Wel in kansen. En in tijdig anticiperen op ontwikkelingen in de markt. Een resultaatgerichte en winstgevende organisatie is zijn hoofddoel. Een kostenbewuste houding hoort daarbij. Continuïteit en zekerheid bieden aan de medewerkers, lang was dat een vanzelfsprekende zaak. De recessie zet alles op losse schroeven. De vergrijzing zorgt voor extra complicaties. Maar een bedreiging, nee, zo kijkt Lavrijsen niet tegen de vergrijzing aan. Wel is het een ontwikkeling die Laco noodzaakt om haar positie in de markt te herdefiniëren. ‘We zullen manieren moeten vinden om oudere werknemers in een gewijzigde arbeidsorganisatie aan ons te binden. We hebben het over een gigantisch potentieel aan kennis en ervaring. Vaardigheden die je kunt inzetten om de kwaliteit van de organisatie verder te verbeteren. Individueel maatwerk is nodig om daar een succes van te maken. Maar om dat daadwerkelijk te realiseren is meer bandbreedte tussen werkgever en werknemer nodig.’

Spagaat
De huidige wet- en regelgeving werkt volgens Lavrijsen niet mee. ‘We zitten eigenlijk in een soort spagaat. De vitaliteitsprogramma’s van de overheid zijn erop gericht om mensen langer actief te houden. Fiscale voordelen als prikkel zijn nodig om dat mogelijk te maken. De regering is bereid om dat in principe te faciliteren. Aan de andere kant hebben we te maken met vakbonden die zich conservatief opstellen. Eigenlijk is dat een vreemde ontwikkeling. Vakbonden zijn er ooit gekomen om de arbeidsomstandigheden van werknemers te verbeteren. En nu er breed draagvlak is voor meer flexibiliteit op de arbeidsmarkt, zijn ze niet bereid om iets in beweging te zetten.’

Dure uren
De huidige CAO-afspraken zijn volgens Lavrijsen door de tijd achterhaald. Met name de arbeidstijdverkorting voor oudere werknemers is hem een doorn in het oog. ‘Met de nu geldende afspraken stoot je mensen uit het arbeidsproces. Voor een werkgever betekent het dat juist dure uren betaald moeten worden, waar geen arbeidsprestatie tegenover staat. We zijn verplicht om onze dure en ervaren krachten bezoldigd naar huis te sturen. Dit is volledig in tegenspraak met de ontwikkelingen die in gang zijn gezet, om juist langer te werken.’ Lavrijsen hoopt dat de vakbonden binnenkort uit hun loopgraven komen. Brancheorganisaties als Recron moeten daar volgens hem een voortrekkersrol in spelen. ‘We moeten de inzetbaarheid van oudere medewerkers vergroten. Ze kunnen een cruciale rol spelen in de kennisoverdracht binnen organisaties. In andere, nieuwe functies die de werkdruk voor hen verminderen. Zodat ze enerzijds functioneel kunnen blijven werken, en aan de andere kant hun ervaring en kwaliteiten kunnen doorgeven aan de jongeren.’

Winstgevend
Lavrijsen kan de vergrijzing niet los zien van de huidige recessie. Samen gaan deze twee factoren volgens hem het personeelsbeleid de komende jaren een geheel ander aanzien geven. Om de exploitatie van accommodaties winstgevend te houden, worden in de nabije toekomst steeds meer diensten uitbesteed. ‘Het aantal vaste medewerkers zal dalen. Steeds vaker zullen specialisten worden ingehuurd. ZZP-ers die op een flexibele arbeidsmarkt lessen en doelgroepactiviteiten komen geven, op een moment dat er functioneel behoefte aan is. Vanuit de markt gaan er steeds meer personal trainers komen die dit voor eigen risico gaan invullen. Het is een ontwikkeling die in feite al in gang is gezet en in de nabije toekomst enkel intensiever gaat worden. In bijvoorbeeld de fitnessbranche is het inhuren van instructeurs al de gewoonste zaak van de wereld. De zwembaden gaan naar mijn vaste overtuiging volgen.’

Lees het hele artikel in ZwembadBranche #30

 
 Nationaal Onderzoek Zwemouders - 2017