Waarschijnlijk weet je dat ik niet zo van competitie ben. Als onze jongens hadden gevoetbald, vroeg ik steevast: ‘Heb je lekker gespeeld?’ Niet of je gewonnen hebt, niet wat de score was. Ik stelde die vraag ook met droge ogen als ik wist dat ze flink hadden verloren. Wat niet altijd wordt gewaardeerd. Maar ik geloof er oprecht in. Met interesse volg ik nu ook het team van Noorwegen bij het WK voetbal.

Gewonnen of lekker gespeeld?
De eerste twee wedstrijden hebben ze gewonnen, maar dat is niet eens het interessantste. In de media gaat het vooral over hun sportcultuur en de veranderingen die daar de afgelopen jaren in zijn opgetreden. In Noorwegen worden kinderen tot hun twaalfde niet op talent geselecteerd, er worden geen ranglijsten bijgehouden en competitie speelt nauwelijks een rol. Plezier staat voorop. Het is een aanpak die ik alleen maar kan onderschrijven.
Noorwegen als spiegel
Al eerder interviewden wij Amika Singh, senior onderzoeker bij het Mulier Instituut en één van de auteurs van het visiedocument Beweegwijsheid. Zij doet al jaren onderzoek naar hoe kinderen en volwassenen hun hele leven actief kunnen blijven. Een belangrijk uitgangspunt: een leven lang bewegen begint bij een goede basis, en de omgeving waarin kinderen opgroeien is daarin bepalend. Het gaat daarbij niet zozeer om selecteren en presteren, maar om het plezier. Door een brede basis te leggen, motorisch, sociaal en mentaal, en kinderen het plezier van bewegen te laten ervaren, neemt de kans toe dat zij op latere leeftijd makkelijker kunnen schakelen naar beweegvormen die bij hun situatie passen.
Als inspirerend voorbeeld noemde zij Noorwegen, waar kinderen tot hun twaalfde alleen maar sporten met vriendjes, zonder competitie of ranglijsten. Vroege competitie en selectie kunnen juist averechts werken en de motivatie ondermijnen. Wat je graag wil, is dat kinderen en jongeren leren ontdekken welke vormen van bewegen bij hen passen. Want wie dat als kind leert, is op latere leeftijd eerder geneigd om te blijven experimenteren. Het gaat erom dat je steeds iets kiest dat past bij je situatie én waar je plezier in hebt. Zo wordt het vanzelfsprekend voor iemand om een leven lang te bewegen, in welke vorm dan ook.
Lees ook: Onderzoek VU Amsterdam: zweminstructeurs mogen meer sturen op plezier
Wie plezier leert, blijft bewegen
Columnist Marijn de Vries schreef er onlangs over in de NRC en verwoordt het wat mij betreft precies goed: kinderen haken veel minder snel af als de uitslag niet centraal staat. Een wedstrijd blijft een wedstrijd, maar het gaat erom wat je eraan overhoudt. The proof of the pudding is in the eating, zeggen de Engelsen zo mooi. We gaan zien hoe ver Noorwegen komt. En als ze er vroeg uit liggen? Geen man over boord en ik ben het helemaal eens met Marijn: dan hebben ze in ieder geval lekker gespeeld!

