Blijft het vak zwemonderwijzer bestaan?

Gisteren toen Minette Lommers met de hond aan het wandelen was, dacht zij na over haar blog van deze week. ‘Waar zal ik eens over gaan schrijven?’ Ineens schoot door haar hoofd of ons beroep ook in de toekomst nog wel zal bestaan? Of nemen bijvoorbeeld ouders onze rol over? Om zich hier eens goed in te verdiepen, heeft Minette eerst een duik genomen in de historie van het zwemmen. Waar is het ooit begonnen en hoe lang bestaan ‘wij’ eigenlijk al?

Historie

Via de zwemlesspecialist.nl van Michael van Houwelingen leer ik veel over ons verleden. Het blijkt dat de oudste verhalen uit Egypte komen waar men zwom om voedsel te vergaren of om door het water te kunnen vluchten in de oorlog. In de tijd van de Grieken en Romeinen zwom men voor de gezondheid. Napoleon vond leren zwemmen weer belangrijk om in oorlogstijd een voordeel te hebben. Vanaf de 19e eeuw ontstonden er kleine zwemscholen om in buitenwater kinderen, volwassenen en militairen te leren zwemmen. Vaak werd de zwemmer vastgemaakt aan een hengel of werd er vanuit een boot lesgegeven. In de tweede helft van de 19e eeuw raakt men steeds meer overtuigd van de heilzame werking van zwemmen. Het eerste overdekte zwembad in Nederland wordt in 1883 in Den Haag geopend. In het jaar 1888 wordt de Nederlandse Zwembond opgericht, wat later de KNZB wordt na het verkregen predicaat ‘koninklijke’. Aan het eind van de 19e eeuw wordt het eerste diploma ‘1e klas zwemmeester’ uitgereikt. Pas in het begin van de 20e eeuw wordt het zwempubliek jonger en ontstaat het schoolzwemmen, wat de daarna helaas ook weer veelal verdwijnt.

Lees ook: Dit is waarom je het af en toe eens anders moet doen…

Gezondheid

Toch wel grappig om het ontstaan zo eens terug te lezen. Het doel van het zwemmen is dus eigenlijk al heel lang hetzelfde: verbetering van de gezondheid. In Nederland is vanwege het vele water de nood om kinderen zo snel mogelijk zwemveilig te maken uiteraard één van de belangrijkste redenen om je kind te leren zwemmen. Om gelijk dan maar een antwoord te geven op mijn vraag: ik verwacht dat ons beroep zeker nog heel lang zal bestaan. Het water in Nederland zal niet zomaar verdwijnen en er verdrinken nog steeds teveel kinderen en volwassenen. Maar dat is niet de enige reden. Zwemmen is namelijk een sport die je tot op heel hoge leeftijd kan blijven beoefenen, zonder veel kans op blessures. Dus om aan je gezondheid, spieren en conditie te werken kun je bijna tot aan je dood blijven zwemmen.

Veelzijdig

Maar nu even terug naar het zwemonderwijs. Als ik alleen al naar mijn eigen leven kijk, is dit beroep in de loop der jaren steeds verder ontwikkeld. De moderne zwemonderwijzer moet nogal wat in zijn of haar rugzakje hebben zitten als hij of zij allround zwemonderwijzer is (zoals wij dat noemen). Vele aspecten van het zwemonderwijs moet je beheersen om alle lessen met veel enthousiasme te geven. Het zijn niet alleen de zwemlessen aan kinderen en het baby/peuter/kleuter zwemmen, maar ook aan volwassenen. Dan heb je nog het zeemeermin zwemmen, snorkelen, waterpolo, survivalzwemmen, synchroonzwemmen. En nog een breed scala aan aquasporten wat ook steeds in beweging is: aqua yoga, aquarobic, aquabootcamp, trimzwemmen, borstcrawl lessen, aquafitness, therapie zwemmen.

Ouders als zwemonderwijzer?

Veel ouders leren hun kind lopen en fietsen, kunnen ze hun eigen kind dan ook niet leren zwemmen? Vanuit deze overweging geven wij tot en met het kleuterzwemmen les aan ouders én kinderen. Wij vinden dat het bij een stukje opvoeding hoort, al is het alleen al om de gevaren van het water te leren kennen. Dit doen we al jaren en merken dat de hulp van de ouders in de les zeer prettig is. Maar er komt toch wel iets meer bijkijken dan een aap een kunstje leren. Uiteraard hebben wij allemaal een opleiding gehad. Het is geen overbodige luxe om de eigenschappen van water te kennen, opwaartse druk, weerstand, techniek analyses, fouten analyses, didactische werkvormen en organisatievermogen. Om nog maar niet te spreken over de praktijkuren die je moet maken om alles goed onder de knie te krijgen. Met een beetje zwemachtergrond kun je natuurlijk ver komen, maar de specialisten hebben toch meer inzicht en wellicht ook invloed op je kind.

Trots!

Als zwemonderwijzer (het woord zegt het al) ben je ook een onderwijzer: een persoon die kennis en technische bekwaamheid overdraagt aan leerlingen. Daarnaast moet je buiten de opleiding om mijn inziens ook nog over andere vaardigheden te beschikken. Je moet goed met kinderen om kunnen gaan, aan je kunnen binden, enthousiast maken, creatief zijn, op een positieve manier iets aan kunnen leren waarbij je ook constant de veiligheid in de gaten moet houden. Het liefst dan ook nog op individueel niveau, terwijl je toch ook nog vaak 9 andere kinderen in je groepje hebt. Dus differentiëren. En natuurlijk moet je zelf ook van zwemmen houden. Zo kan ik wel even doorgaan, maar eigenlijk is het heel simpel: met trots, maar vooral ook met liefde en plezier, staan we er voor de veiligheid van het kind of voor de gezondheid en algehele fitheid van een ander. En natuurlijk hopen we dit mooie beroep nog heel lang uit te mogen oefenen en veel kinderen en volwassenen te inspireren en motiveren.

Deze blog is geschreven door Minette Lommers, manager van Zwembad Den Ekkerman. Herken jij je in de woorden van Minette? laat het ons weten via een reactie hieronder of op onze facebookpagina.

Heb jij ook een mooi verhaal uit de praktijk dat je graag met je collega’s wilt delen? Mail naar info@zwembadbranche.nl




Variopool