‘We moeten de handen ineenslaan en niet kijken naar de verschillen, maar naar de overeenkomsten’

Wel versoepelingen, maar helaas nog niet voor zwembaden. De hoop is gevestigd op 11 mei. Dianne de Jager van zwemschool Born 2 Swim rekent inmiddels nergens meer op, hoewel het voor haar zwemschool en al haar zwemleskinderen wel heel fijn zou zijn. Eén van de vakantieparken waar Dianne lesgeeft heeft het zwembad nog gesloten omdat het voor het park niet rendabel is alleen open te gaan voor zwemles. “Het zou mooi zijn als we straks weer meer mogen. Goed voor ouderen weer te bewegen, voor de jeugd om het zwemmen bij te houden en inderdaad ook voor al mijn zwemleskinderen die nu nog moeten wachten.”

foto genomen voor corona

Vakantiepark

Het was half maart goed nieuws voor de zwemlesaanbieders, maar niet voor allemaal. Bij zwemschool Born 2 Swim kunnen nog niet alle lessen worden gegeven zoals gebruikelijk. En daarin zijn zij niet de enige. “Bij één van de vakantieparken waar ik lesgeef, is het zwembad nog niet open. Het opwarmen van het zwembad wil men vanwege de kosten alleen doen als ook andere gasten weer gebruik mogen maken van het zwembad. Als ondernemer begrijp ik dat, zij kunnen namelijk ook geen aanspraak maken op de Specifieke Uitkering IJsbanen en Zwembaden (SPUKIJZ). Maar voor mijn kinderen die nu moeten wachten, is dat natuurlijk wel heel erg zuur.” Daarnaast heeft het ook gevolgen voor Dianne haar zwemschool. “Het is nu niet alleen vervelend dat ik niet volledig kan draaien, ik merk ook dat ouders die bij mij op de wachtlijst staan nu besluiten om naar een collega over te stappen omdat zij niet nog langer willen wachten.” Dianne kan gelukkig op de andere locatie meer uren draaien, maar daar zitten ook nadelen aan. “De andere locatie is voor sommige ouders 45 minuten rijden, niet iedereen wil dat. Daarnaast is het ook nog een puzzel om al het personeel in te roosteren.” Ook heeft Dianne nog wel gekeken naar het huren van water ergens anders, maar kostentechnisch was dit niet interessant. “Mijn lesgroepen zijn klein omdat ik lesgeef aan kinderen die extra aandacht nodig hebben. Om dit betaalbaar te houden, moet ik mijn lasten dus laag houden.” Gelukkig hoefden er nog geen lesgroep in quarantaine. “Een aantal lesgevers is al wel naar de snelteststraat geweest, maar nog niemand was positief. Voor de kinderen hanteren wij ook een streng deurbeleid, met verkoudheidsklachten kom je er niet in. Sommigen docenten en kinderen behoren tot een risicogroep, ik wil daarom heel voorzichtig zijn.”

Lees ook: Extra compensatie zwembaden niet voor zwemscholen: houden zij het nog vol?

Handen ineenslaan

Dianne heeft tussen de twee lockdowns in nog wat kunnen inhalen, maar ideaal is het niet. “Het jaar 2020 was zakelijk niet zo succesvol. Ik heb helaas ook weinig gebruik kunnen maken van de steunmaatregelen. Omdat ik van 2019 naar 2020 enorm ben gegroeid, heb ik volgens de voorwaarden van de steunpakketten door corona ‘weinig’ omzetverlies, maar ik heb wel geïnvesteerd in personeel. Ik hoop daarom ook vooral dat we straks weer meer mogen dan alleen zwemles geven. Dan kan ik van beide locaties weer gebruik maken, maar ook voor ouderen is het van belang om vitaal te blijven en voor kinderen om hun zwemvaardigheid bij te houden.” Wat dat laatste betreft maakt Dianne zich wel zorgen. In haar lessen ziet zij een wisselend beeld, er zijn kinderen die het zo weer oppakken en sommige kinderen hebben echt wel weer even nodig om op hun oude niveau te komen. Daarnaast zijn er oplopende wachtlijsten. “Veel kinderen zijn, doordat ze moesten stoppen of later konden beginnen, op een latere leeftijd zwemveilig. Wat als deze kinderen nu niet mee kunnen op zwemfeestjes of dat er onvoldoende met hen rekening wordt gehouden in een waterrijke omgeving?” Meer dan ooit vindt Dianne het dan ook belangrijk dat er vanuit de overheid aandacht is voor de zwembranche en de zwemveiligheid en dat de partijen samen optrekken. “Het is overduidelijk dat de zwembranche verdeeld is en er veel verschillende partijen zijn, maar het belang is voor iedereen hetzelfde. Ik zou daarom ook graag zien dat we de handen ineenslaan, dat we kijken naar de overeenkomsten en niet naar de verschillen. Belangrijk voor alle professionals in de branche, maar ook voor iedereen waarvoor wij het doen.”