Minister Helder: ‘Werken aan een zwemvaardige en zwemveilige bevolking’

Gisteren stuurde Conny Helder, minister voor Langdurige Zorg en Sport, een verzamelbrief met betrekking tot de thematiek in het dossier zwemvaardigheid en zwemveiligheid aan de Tweede Kamer. Hierin benadrukt zij het belang van zwemmen en hoe Nederland onlosmakelijk verbonden is met water. Daarbij wees zij ook op de risico’s en de aandacht die nodig is voor een zwemvaardige en zwemveilige bevolking. Verder geeft zij aan hoe zij ervoor wil zorgdragen dat zoveel mogelijk Nederlanders kunnen blijven genieten van het Nederlandse zwemwater. Wat moet er dan nu gebeuren?

Ieder kind op zwemles

In haar brief geeft zij aan het huidige beleid, het Nationaal Plan Zwemveiligheid en het programma Het Strand Veilig, te ondersteunen. Om de kwaliteit van het zwemonderwijs voor de toekomst te garanderen heeft zij aan de NRZ gevraagd in kaart te brengen wat hiervoor nodig is. Parallel aan deze uitvraag zal de kwaliteit van zwemles een plek krijgen in de verdiepingsslag van de sportwet. Ten aanzien van het leren zwemmen voor kwetsbare groepen is de minister voornemens 500.000 euro extra aan het Jeugdfonds Sport en Cultuur toe te kennen. Verder wordt op dit moment verkend hoe gemeenten kunnen worden gestimuleerd om zwemles onderdeel te laten zijn van het aanbod van Rijke Schooldag, erkent de minister het nijpende personeelstekort en wordt er gekeken naar de gevolgen van de stijgende energieprijzen. De minster sluit de brief af met de boodschap dat zwemvaardigheid de verantwoordelijkheid blijft van de ouders, maar dat zij zich gaat inzetten om ieder kind in de basisschoolleeftijd in Nederland in aanraking te laten komen met zwemles. 


Ben jij op zoek naar een leverancier voor zwemlesmaterialen? 👉 Klik hier.



Roel Driessen: Zwemplezier de sleutel tot een hogere zwemveiligheid

Roel Driessen (EasySwim) vindt het hoog tijd worden dat we met de gehele branche kijken hoe we de zwemveiligheid én het zwemplezier verder kunnen ontwikkelen. “Uit de laatste cijfers blijkt dat steeds minder mensen regelmatig gaan zwemmen en dat de meeste kinderen tussentijds afhaken tijdens hun zwemopleiding. Dat is een zorgelijke ontwikkeling, maar wij kunnen als branche hier wat aan doen. Volgens ons is zwemplezier de sleutel tot een hogere zwemveiligheid en een leven lang veel zwemmen. Kinderen haken tijdens de opleiding niet af wanneer ze echt veel plezier beleven en mensen blijven meer zwemmen als ze op jonge leeftijd leren hoe leuk zwemmen is.” Samenwerken is daarom nu cruciaal volgens Roel om de trend die uit de huidige cijfers blijkt te keren. “We zullen als branche met elkaar een duidelijk kader moeten vormen waarbinnen enerzijds de (zwem)veiligheid goed wordt geborgd, maar waar ook ruimte blijft voor innovatie en keuze voor ouders. Gelukkig zien wij in de praktijk dat dit mogelijk is, met als resultaat veel tevreden ouders en kinderen die met veel plezier het hele zwemtraject afmaken.” Roel is daarom ook blij met de toezegging van de NRZ om met alle partijen binnen de branche in gesprek te zullen gaan. “Er zit veel kennis en expertise in de zwembranche en het wordt hoog tijd dat alle partijen worden betrokken. Tot nu toe lijkt de overheid structureel een groot deel van de markt te zijn vergeten en dat komt de zwemveiligheid en het zwemplezier niet ten goede.”

Lees ook: Kamerlid Van Nispen: ‘Als overheid moeten wij er alles aan doen om de zwemveiligheid te borgen’

Shiva de Winter: Samen en constructief naar de toekomst kijken

Shiva de Winter (NSWZ) is blij dat de minister de natuurlijke verbondenheid van Nederlanders met het zwemwater benoemt. “Hiermee laat zij zien dat zij zich bekommert om de zwemveiligheid in Nederland. Daarbij ben ik ook blij dat het ministerie VWS het programma Strand Veilig ondersteunt. Juist in een tijd waarin het aantal zwemvaardige kinderen is afgenomen, is toezicht belangrijk. Net als schoolzwemmen cruciaal kan zijn voor kwetsbare kinderen, waarbij ik alleen graag zou zien dat ook vluchtelingen nu zo snel mogelijk leren zwemmen om ongelukken te voorkomen.” Shiva vreest alleen dat er nog steeds onvoldoende aandacht is voor de gehele zwembranche. “Er zijn gemeentelijke zwembaden, exploitatiemaatschappijen en zelfstandig ondernemers en allen dragen zij bij aan zwemveiligheid en zwemplezier. Het is dus belangrijk dat de minister dit als vertrekpunt neemt voor haar beleid. Ik vond het dan ook hoopvol dat zij het NRZ had gevraagd om met alle partijen om tafel te gaan om de kwaliteit van het zwemonderwijs te borgen. Maar helaas is dit tot op heden niet gebeurd, terwijl de minister binnenkort wel een reactie verwacht.” Wat Shiva vooral zorgen baart is dat er wordt gesproken over een sportwet. “We moeten voorkomen dat straks het Nationaal Plan Zwemveiligheid wordt overgenomen in zo’n sportwet. Dit zou namelijk betekenen dat diplomalijnen die niet worden uitgegeven door een licentiehouder worden uitgesloten.” Het is volgens Shiva daarom nu van cruciaal belang dat de minister alle partijen betrekt. “Je ziet het ook terug in de tegemoetkoming in de energielasten. Net als bij de SPUKIJZ regeling zijn ook met de Specifieke uitkering Stimulering Sport de zwemscholen niet geholpen. We moeten daarom leren van de afgelopen twee jaar en nu wel samen en constructief naar de toekomst kijken. Wij zijn allemaal nodig voor een zwemveilig Nederland en moeten allemaal ons steentje bijdragen.”

Lees hier de verzamelbrief zwemvaardigheid en zwemveiligheid

Lees hier de antwoorden van de minister op de vragen die de Tweede Kamerleden Westerveld (GroenLinks) en Van Nispen (SP) stelden op 13 december over zwemles.


advertentie

E.B.T.C.