Wat kan jij dat goed! uhhh… Wat heb jij goed geoefend!

Laatst zag ik een film over apen, het blijven fascinerende dieren. Zoals de gorilla’s, waar de machtsverhoudingen altijd duidelijk zichtbaar zijn. Met de ‘oppergorilla’ valt niet te sollen en hij laat geen moment onbenut om te laten zien wie de baas is. Van afstand heerlijk om te aanschouwen, maar op zo’n moment kan ik mij voorstellen dat je blij bent dat er een gracht tussen zit en dat het Zwem-ABC niet overal is doorgedrongen. De kleine aapjes daarentegen, zien er juist weer heel ongevaarlijk en aaibaar uit. Maar het rare is dat een aap een aai ziet als een bedreiging en daar agressief op kan reageren, terwijl dit juist is bedoeld als een liefkozing.

Complimenten voor de inzet
Tja, dat moet je dan maar net weten. Is iets goed bedoeld, komt het zo niet over. Neem nou het complimenteren van kinderen, voor velen van ons is dit de dagelijkse praktijk om kinderen te motiveren. Maar ik las laatst weer eens in een blog op Famme dat het geven van complimenten juist averechts kan werken. Carol Dweck, een onderzoekster, beweert dat bij het prijzen de nadruk op de inspanning moet liggen en niet op het intellect. Als je complimentjes geeft over dingen waar een kind niet écht moeite voor hoeft te doen (slim zijn, mooi kunnen schrijven, goed kunnen lezen) denkt het kind eerder dat het ‘wel goed is zo’ en zal het minder moeite doen om beter te worden. Terwijl kinderen die worden geprezen om hun inzet snappen dat ze door hard werken hun prestatie kunnen verbeteren en dat intelligentie iets is waarover je controle hebt.

Behulpzaam prijzen
Ok, maar hoe moet je dat doen? Behulpzaam prijzen! en dat doe je door te beschrijven wat je ziet of voelt. Vervolgens hoort het kind zijn prestatie beschreven worden en gaat daardoor vaak zichzelf prijzen. Voorbeeld. Zeg dus niet: ‘Wat kun jij goed zwemmen!’ Maar wel: ‘Ik zag dat je dook zoals je hebt geleerd én dat je door het gat heen zwom. Dat noem ik nou zwemmen!’ De inspanning prijzen in plaats van het resultaat of de natuurlijke aanleg klinkt misschien simpel, maar gaat niet altijd vanzelf. Vaak ben je toch geneigd om kritiek te geven en dat is uit den boze. Voorbeeld. Dus niet: ‘Je doet je armen goed, maar je beenslag niet en daardoor gaat het fout.’ Maar wel: ‘Je doet je armen goed en als je ook je beenslag goed doet dan gaat het helemaal perfect.’

Meer weten? In dit filmpje wordt het wetenschappelijk onderzoek van Carol Dweck toegelicht.

> En lees ook meer over Dweck in de column van Claartje Driessen uit ZBB #39

 
 “VConsyst”