Curlingleider? Elke zwemonderwijzer(es) is een geboren leider!

Als je het hebt over leiderschap, heb je het eigenlijk automatisch over Simon Sinek. Hij is één van de belangrijkste leiderschapsdenkers van onze tijd. Zijn bekendheid kreeg hij vooral door de ‘Gouden cirkel’, waarbij leiderschap vooral draait om de vraag: waarom? Vragen we ons wel genoeg af waarom we doen wat we doen? Kinderen in ieder geval wel. En daar zouden we volgens Sinek veel meer van kunnen leren want als jij goed met kinderen bent, weet jij alles van leiderschap. Conclusie: elke zwemonderwijzer(es) is een geboren leider.

Curlingleider of coach?

Volgens Sinek kunnen we veel leren van de relatie tussen een volwassenen en een kind. Om kinderen te kunnen laten ontwikkelen moet je ze aanmoedigen en ruimte creëren. Vertrouwen geven in hun eigen kunnen, zelf fouten laten maken en weer laten herstellen. Maar natuurlijk laat je ze nooit vallen. Veel is al geschreven over curlingouders die het pad effenen voor hun kinderen. Dat is fout. Je mag je er wel mee bemoeien, maar je mag alleen begeleiden. En zo is het eigenlijk ook met medewerkers. Ook zij gedijen het beste als je een coach bent in plaats van de curlingleider. Sinek raadt dan ook het boek ‘How to Talk So Kids Will Listen & Listen So Kids Will Talk’ van Adele Faber en Elain Mazlish aan als je echt wil weten hoe je een goede leider wordt. Als voorproefje hierbij een aantal tips.

    1. Begin met het waarom
      Zoals gezegd de essentie waar het volgens Sinek om gaat. Iedereen in een organisatie weet wat ze doen. Sommige mensen weten ook hoe ze het doen. Maar er zijn er meestal maar een paar die weten waarom ze het doen. Medewerkers vragen hier ook niet vaak naar, ze doen gewoon wat ze moeten doen. Kinderen vragen vaak wel waarom. Maar dat wij volwassenen dan weer lastig. Onterecht. Deze vraag is juist cruciaal om te stellen en te antwoorden. Een antwoord brengt iedereen uiteindelijk verder.

Lees ook: Leiderschap: loop jij graag voorop of liever achteraan?

  1. Geef vertrouwen
    Leiderschap vraagt om mensen die ervoor kiezen je te volgen. Niet om mensen die geen andere keuze hebben. En dus moet je zorgen voor vertrouwen, alleen dat ontstaat niet door hiërarchie. Tegen een kind zeggen ‘gewoon omdat ik dat zeg’, klinkt misschien aanlokkelijk, maar werkt niet. Alles hoeft ook niet te worden vastgetimmerd in regels en protocollen om het in goede banen te leiden. Laat zien dat je het overlaat aan het kind zelf, met jou als vangnet. ‘Copy-paste’ kind voor werknemer en het klopt nog steeds.
  2. Wees duidelijk en consistent
    Is duidelijk waarom? Draag dit vervolgens ook consistent uit. Alle opvoedboekjes beginnen eigenlijk wel met ‘wees consistent’. Ben je dit niet, dan nemen kinderen een loopje met je. Iedereen die met kinderen werkt, weet inmiddels ook wel dat het heel belangrijk is om in alles duidelijk en consistent te zijn zodat zij weten waar zij op kunnen rekenen. In essentie geldt dit ook voor werknemers. Als je niet consistent bent, ontstaat er onduidelijkheid en onrust.
  3. Offer jezelf op
    Voor een kind doe je toch alles? Als het kind maar gelukkig is. Dat klinkt voor medewerkers misschien wat dramatisch, maar een goede leider zorgt voor kansen. Hij of zij geeft werknemers de ruimte om te pionieren, maar ook om te falen. Hij neemt verantwoordelijkheden en zorgt voor zijn werknemers. Is bereid zichzelf op te offeren. Met als resultaat dat medewerkers gaan tot het uiterste, zij voelen zich immers gewaardeerd om wie zij zijn. Zien dat het niet draait om de leider, maar om de medewerker.