Zwemveiligheid naar een hoger plan

De Nationale Raad Zwemveiligheid wil, samen met een groot aantal andere partijen, middels het Nationaal Plan Zwemveiligheid 2020 – 2024 dat iedereen waterveilig opgroeit. Jarno Hilhorst, manager Kenniscentrum Zwemmen, nam het voortouw om te komen tot dit Nationaal Plan: “Met de verzamelde kennis uit de afgelopen jaren als basis willen we de komende vijf jaar met partners nieuwe maatregelen treffen om de zwemveiligheid van groepen mensen in Nederland daadwerkelijk te vergroten.” Zeker belangrijk voor een waterrijk land als Nederland waar je niet ontkomt aan water. Maar echt genieten van water kun je pas wanneer je zwemveilig bent.

Draagvlak

De basis voor het Nationaal Plan Zwemveiligheid ligt in de onderzoeks- en praktijkkennis die de afgelopen jaren is verzameld binnen het kennisproject NL Zwemveilig. “We weten meer over de risicofactoren voor verdrinking, we kennen de mening van ouders, er is een definitie van zwemveiligheid ontwikkeld en we weten beter hoe scholen en gemeenten betrokken zijn bij zwemmen en zwemveiligheid. Dit vormt de basis van de gekozen vier pijlers van het plan en zestien speerpuntthema’s. Met deze informatie kunnen we ons richten op die doelgroepen en onderwerpen waar we ook het meeste effect kunnen hebben. Daarbij is samenwerking in de komende jaren hét toverwoord. Het is een plan van de verschillende organisaties verenigd binnen het bestuur van de Nationale Raad Zwemveiligheid en deze organisaties dragen allemaal actief bij aan de uitvoering. Per thema zal een organisatie het voortouw nemen om met anderen uitvoering te geven aan de ambities bij dat thema. Zo zal de WiZZ de leiding nemen bij een thema als ‘veiligheid in zwembaden’, de KNZB bij het thema ‘blijven zwemmen na de zwemlessen’ en Reddingsbrigade Nederland bij de thema’s gekoppeld aan open water. Vanuit de Nationale Raad Zwemveiligheid verbinden we de thema’s met de bovenliggende doelen en zullen we ook bij verschillende thema’s zorgen voor de projectleiding in de uitvoering. De zwembranche mag wat verwachten van de Nationale Raad Zwemveiligheid en de samenwerkende partijen. Daarbij is de verbinding met zwembaden, zwemscholen en zwemverenigingen leidend. Veel moet uiteindelijk daar gebeuren en daar effect hebben. Zo willen we onder meer dat in 2024 meer mensen zwemmen, ouders bewuste keuzes maken en dat risico’s op verdrinking zo klein mogelijk zijn”, aldus Hilhorst.

Van plannen naar concrete acties: blijven zwemmen

Het Nationaal Plan Zwemveiligheid bevat vier inhoudelijke pijlers, waaronder in totaal zestien thema’s zijn uitgewerkt. Schematisch ziet dat er als volgt uit.

In 2020 is, met ondersteuning vanuit het ministerie van VWS, een start gemaakt met de uitvoerende acties vanuit het plan. Denk aan nieuwe communicatiemiddelen, zoals filmpjes en animaties, zwemveiligheid van nieuwkomers en risico’s bij open water. Ook wordt gekeken naar instrumenten om de veiligheid bij het recreatief zwemmen in zwembaden verder te vergroten. Daarnaast wordt door de partners een meerjarenplan gemaakt voor de uitvoering in de periode 2021-2024, waarin de soms nog vrij breed geformuleerde ambities en doelen worden gekoppeld aan concrete maatregelen en resultaten die er eind 2024 moeten liggen. Onder meer wordt gekeken naar het stimuleren om te blijven zwemmen na de zwemlessen. Er moet een betere verbinding komen tussen de zwemlessen gericht op het voldoen aan de Nationale Norm Zwemveiligheid en het vervolgaanbod van verenigingen en zwembaden. Daarom wordt ingezet op het delen van goede praktijkvoorbeelden en het landelijk ontwikkelen van nieuwe concepten. Uiteindelijk moet het vooral lokaal gebeuren en wordt gestimuleerd dat zwembad, zwemvereniging, reddingsbrigade, scholen en andere organisaties samenwerken in lokale programma’s die meer kinderen boeien en binden om te blijven zwemmen.

Kijk voor meer informatie bij Nationale Raad Zwemveiligheid




Variodeck