Wat betekent ‘Het Klimaatakkoord’ voor zwembaden?

Vlak voor de zomer werd een ‘Voorstel voor hoofdlijnen van het Klimaatakkoord’ door Ed Nijpels aan Minister Wiebes aangeboden. Dit voorstel lijkt een hele lap tekst, maar na een snelle blik is het eigenlijk best eenvoudig: we moeten gewoon richting zero broeikasgassen uitstoot. ‘Oh, als dat alles is’, zul je denken. Of zitten daar nog wat haken en ogen aan? Alle elektriciteit moet CO2-vrij opgewekt worden. Alle industrie moet verduurzamen, dus alles-elektrisch en circulair gebruik van grondstoffen. Ook de landbouw moet met de uitstoot van broeikasgassen naar nul en natuurlijk moet ook onze mobiliteit richting zero broeikasgassen. En dit mag natuurlijk niet ten koste gaan van onze internationale concurrentiepositie en het moet uiterlijk 2030 klaar zijn. Toch best wel een pittige uitdaging…

In de startblokken

Wat betekent het klimaatakkoord eigenlijk voor de zwembaden. Zijn wij er klaar voor? Klaar is een beetje voorbarig, maar we zijn in elk geval uit de startblokken. Wij zijn al jaren bezig met energiebesparende maatregelen en veel nieuwe zwembaden worden all-electric gebouwd. Maar betekent all-electric dan ook dat ze voldoen aan het klimaatakkoord? Dat valt te betwisten. Hoe zit het met de maximale efficiency van processen en warmtegebruik in zwembaden en het circulair gebruik van grondstoffen? Daar is nog veel in te verbeteren.

Circulaire economie

In een circulaire economie bestaat er geen afval meer, alles wordt hergebruikt. Een groot nadeel van de huidige all-electric zwembaden is dat ze veel koude overhouden van de warmtepompen. In een circulaire economie mag je dat niet vernietigen, een datacentrum zou dan een goede optie kunnen zijn om te combineren met een zwembad. Win-win. Het zou misschien veel beter zijn als we de warmte voor een zwembad niet uit elektriciteit halen. We gebruiken ook geen edelstenen voor toiletpapier? Als je elektriciteit efficiënt gebruikt, kun je er van alles mee doen en dan blijft er aan het eind ook nog warmte over. Die warmte moet dus niet aan de voorkant uit elektriciteit komen, maar die kunnen we veel beter uit de aarde halen: geothermische warmte. Voor een zwembad nog een beetje kostbaar, maar voor sommige woonwijken de toekomst. En dan volgen de zwembaden. Of andersom als we het slim aanpakken…

Wil je meer weten over de laatste ontwikkelingen in waterbehandeling en de ins en outs over elektriciteitsbesparing? Kom naar het Technisch Ontbijt voorafgaand aan de ZwembadBranche Dag op 9 oktober.

UV-licht

Zou het zwembad van de toekomst zelfvoorzienend kunnen zijn? Dan komen we toch weer op die warmtepompen, daarmee kun je de warmte in afvalwater en afblaaslucht weer terugwinnen en hou je de warmte circulair. En hoe zit het met de chemie? Als we het vrij chloor er één keer in zou kunnen brengen en het daarna elke keer opwaarderen, zou het circulair zijn. Die techniek bestaat wel voor Broom, maar helaas niet voor Chloor. Toch hebben we ook al een alternatief om het zwemwater zonder chemicaliën schoon te houden: UV-licht. Daar promoveer ik op 9 november op. En dan nog iets, in het zwembad van de toekomst komen de bezoekers met vervoersmiddelen die geen broeikasgassen uitstoten. Heb je een parkeerplaats met 30 plekken, moet je de komende jaren elk jaar 2-3 plekken voorzien van een laadpaal. Stel je het uit, moet je er 3-4 per jaar zetten.

De tijd begint dus te dringen en dat hebben ze in Den Haag ook door. Dat maakt de transitie van onze huidige economie naar een circulaire en duurzame economie een prestatie van Olympisch formaat. En daarmee wens ik ons allemaal veel succes. Maar één ding blijft zeker, ook in 2030 is zwemmen nog steeds gezond.

Deze column is geschreven door Maarten Keuten (TU Delft).




Variopool