S.O.S. in het zwemparadijs

SOS in het zwemparadijs

SOS in het zwemparadijs

Jaarlijks verdrinkt in Nederland een aantal kinderen tijdens het zwemmen. Officiële cijfers zijn er niet: alleen wie de kleine berichtjes in de krant napluist, weet het exact. Afgelopen juli verdronk een zesjarig jongetje in een zwemparadijs in Noord-Brabant. Dat gebeurde in het buitenbad, waar geen toezicht werd gehouden. “Buiten is toezicht niet wettelijk verplicht. Wij verplichten ouders om kinderen onder de 12 jaar niet alleen te laten zwemmen”, meldde het management van dit zwembad in het Eindhovens Dagblad.

Uit het onderzoek van de ANWB in 2003 kwam naar voren dat de helft van de bezochte zwemparadijzen niet veilig genoeg waren. Van november 2008 tot februari 2009 bezochten we opnieuw zwemparadijzen door heel Nederland. Nu scoorden 10 van de 25 waterpaleizen een onvoldoende. Daarmee is de situatie weliswaar iets verbeterd, maar niet opgelost. Een veilig zwemparadijs is overzichtelijk, heeft een afgeschermd peuterbad en is zo opgezet, dat je door gladde vloeren, glijen wildwaterbanen geen letsel oploopt. Daarnaast is het toezicht heel belangrijk. Terwijl we van de glijbaan gleden, in het golfslagbad dobberden of door de wildwaterbaan zwommen, hielden we nauwlettend de badmeesters en -juffen in de gaten. De resultaten van ons onderzoek zijn momentopnames: een dag later stond de badmeester wellicht niét met zijn rug naar het bad.

Op de momenten dat wij in het water lagen, is er op de aanwezige badmeesters het nodige aan te merken. Ze lopen te weinig rond om de verschillende kleinere baden goed te kunnen overzien. Sommige baden, zoals het buitenbad en de whirlpools, worden tijdens controlerondes niet eens aangedaan. Vaak staan de toezichthouders op de verkeerde plaats. In enkele gevallen trad het golfslagbad in werking, zonder badmeesters langs de kant. En zijn ze op de goede plek, dan doen ze regelmatig iets anders. Wij zagen hen onder meer bellen, langdurig met een collega praten of ze keken de andere kant op. Sommige zwemparadijzen maakten het wel heel erg bont. Zo stond in Den Hommel in Utrecht de muziek zo luid dat eventueel hulpgeroep overstemd werd. In Stiennen Flier in Joure verliet de toezichthouder het bad, zodat er helemaal geen toezicht meer was. Een zwemparadijs is niet louter onveilig vanwege gebrekkig toezicht. Er moeten ook pictogrammen zijn die vertellen hoe diep de whirlpool is of hoe je de glijbaan moet gebruiken. Verder noteerden we gladde vloeren.

Gelukkig is het toezicht in 15 van de 25 bezochte baden wel op orde. Uitschieters zijn De Smelt, De Grote Koppel en Mosaqua in achtereenvolgens Assen, Arnhem en Gulpen. We hebben ze alle drie beloond met het rapportcijfer 9. De toezichthouders waren alert, stonden regelmatig op van hun vaste controleposten om rond te kijken en zo nodig in te grijpen. In Mosaqua werd zelfs een spontaan zwemexamen afgenomen bij een kind in het 25-meterbad. De Grote Koppel maakt gebruik van spiegels. Een prima zaak, zolang ze een aanvulling zijn op het toezicht. Spiegel, monitor of onderwatercamera kunnen in geen geval de toezichthouders vervangen.
Het toezicht in Nederlandse zwembaden laat nog altijd te wensen over. Na het onderzoek in 2003 blijkt anno 2009 nog steeds ruim een derde van de zwemabden onveilig.

  • Klik hier voor een uitgebreide beschrijving van de bevindingen per zwembad.
  • Klik hier voor het artikel uit de Kampioen.

(Bron: ANWB Kampioen)

 
 Pomaz