Onderzoek geeft beter inzicht in lokaal sportbeleid

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het sportbeleid en hun sportaccommodaties. Met als doel uiteraard om ervoor te zorgen dat de inwoners meer gaan bewegen en sporten. Want uiteindelijk is dat beter voor ons allemaal -vooral ook als men meer gaat zwemmen-, maar lukt dat ook daadwerkelijk? Kunnen gemeenten het sportgedrag van hun inwoners ook echt veranderen? Remco Hoekman deed onderzoek naar sportbeleid en Alles over sport en het Mulier Instituut deelden de high lights.

In zijn proefschrift ‘Sport policy, sport facilities and sport participation – a socio ecological approach’ kwam Remco Hoekman tot twee conclusies.

  1. De invloed van de omgeving en exogene ontwikkelingen
    Hoewel lokaal sportbeleid lokaal wordt ontwikkeld, wordt gemeentelijk sportbeleid inderdaad sterk beïnvloed door de buitenwereld. Denk daarbij aan landelijk (sport)beleid en aan financiële, bestuurlijk-organisatorische en maatschappelijke ontwikkelingen. Dit helpt om de inhoud van lokaal sportbeleid beter te begrijpen. De uitvoering van lokaal sportbeleid richt zich vooral op het faciliteren van sportbeoefening en op het verhogen van de sportdeelname. Dit laatste heeft een grote maatschappelijke betekenis vanwege de aangenomen positieve effecten van sport op onder andere gezondheid, persoonlijke ontwikkeling en sociale participatie. Gemeenten gaan er dus vanuit dat met het verhogen van de sportdeelname, ook die sociaalmaatschappelijke doelen worden gerealiseerd.
  2. De verklaring van de verschillen in sportdeelname
    Hoekman concludeert dat de specifieke eigenschappen van lokaal sportbeleid verklaringen bieden voor verschillen in sportdeelname. In gemeenten die meer geld uitgaven aan sport, zag je ook een betere inclusie van jeugd en van lagere statusgroepen in sportverenigingen. En daarmee dus ook betere participatie van deze groepen. Verder bleek uit het onderzoek dat op plekken met een grotere diversiteit aan sportaccommodaties, ook een hogere maandelijkse sportdeelname te zijn. We moeten de invloed wel even in perspectief zetten: de sociale omgeving op wijkniveau en sociaal-economische achtergrondkenmerken van mensen bleken namelijk van nóg grotere betekenis bij het verklaren van verschillen in sportdeelname.

Lees ook: Samen bereiken we meer!

Betekenis voor beleid

Het onderzoek van Hoekman biedt de makers van lokaal sportbeleid bruikbare inzichten.

  • Het laat zien dat lokaal sportbeleid tot op zekere hoogte het sportgedrag van het individu beïnvloedt.
  • Het biedt informatie over welke groepen en omgevingen in het bijzonder in de sportdeelname achterblijven en waar extra aandacht op zijn plaats is (doelgroepenbeleid).
  • Het proefschrift laat zien dat de sportinfrastructuur in Nederland op orde is en dat hiermee goede randvoorwaarden voor sportbeoefening aanwezig zijn.
  • De belangrijkste uitdaging voor lokaal sportbeleid ligt volgens Hoekman om de lokale sportinfrastructuur optimaal te benutten, en deze af te stemmen op de veranderende wensen en behoeften van mensen.

Beter benutten

Remco Hoekman toont aan dat de sportinfrastructuur in Nederland op orde is en dat hiermee goede randvoorwaarden voor sportbeoefening aanwezig zijn. In tegenstelling tot andere landen is in lage statuswijken in Nederland ook sprake van een goede bereikbaarheid van sportaccommodaties. Dit is iets om te koesteren en op voort te bouwen. Het (beter) benutten van deze sportinfrastructuur zou daarom centraal moeten staan, waarbij naast de accommodaties (hardware), aandacht moet zijn voor de organisaties (orgware) en de activiteiten (software) die hier plaatsvinden.

Remco Hoekman is als senior onderzoeker werkzaam bij het Mulier Instituut en voor onderzoek en onderwijs op het thema van sportbeleid en sportsociologie verbonden aan de Radboud Universiteit.




Pomaz