Na 3 maanden weer zwemles: ‘Blijf dichtbij jezelf en vertrouw op je gevoel’

Zo’n drie maanden hebben kinderen niet kunnen lessen. Er zijn niet zoveel zorgen over mogelijke achterstanden, eerder over de conditie. Velen vertrouwen vooral op de kinderen zelf die vaak heel flexibel zijn. Ook Claartje Driessen verwacht geen grote problemen op het gebied van achterstand en conditie. “Kinderen pakken het vaak snel weer op, ik vind het belangrijker dat kinderen in het begin weer een beetje kunnen wennen. Dat wij geen verwachtingen hebben en de voortgang loslaten. Kinderen moeten zich eerst weer op hun gemak voelen, dan gaat het leren vanzelf.”

Verwachtingen

Natuurlijk staat Claartje samen met haar team te popelen om weer te beginnen, net als haar zwemleskinderen. “De afgelopen drie maanden hebben de kinderen én wij de zwemles enorm gemist, wij kijken er allemaal dan ook naar uit om weer van start te gaan.” Hoewel Claartje niet verwacht dat in die drie maanden een achterstand is ontstaan, heeft het volgens haar ook helemaal geen zin daar nu naar te kijken. “Wij laten de eerste lessen alles volledig los en willen met name ervoor zorgen dat het kind zich weer op z’n gemak voelt.” Even heeft Claartje overwogen of dit betekent dat zij haar lesprogramma inhoudelijk moet aanpassen, maar al snel kwam zij tot de conclusie om dit nu juist niet te doen.” Wij geloven in spelenderwijs leren en ervaringsgericht zwemonderwijs waarbij het welbevinden van het kind centraal staat en dit zijn onze kinderen gewend. Het is voor hen nu een enerverende tijd waarin veel is gebeurd en nog veel onzeker is. Het is dan juist belangrijk om te zorgen dat de zwemles voor hen een stabiele factor is en dat de les voldoet aan hun verwachtingspatroon. Hier gaan wij dan ook niks aan veranderen, zij krijgen dezelfde spelletjes en lesmaterialen. Dat is voor hen vertrouwd en geeft een veilig gevoel, een mooi vertrekpunt om te leren.”

Lees ook: Zwemles en de grote boze coronareus

Dichtbij

Hoewel de lessen voor de kinderen zoveel mogelijk hetzelfde blijven, staan de lesgevers er nu wel anders in. “Normaal zijn wij natuurlijk wel bezig met de ontwikkeling van de kinderen en kijken wij of wij het kind kunnen uitdagen om een stapje verder te gaan in de leerlijn door nieuwe oefenstof aan te bieden. Nu laten wij dat los en richten ons vooral op de relatie met het kind. Hoe heeft het kind het afgelopen jaar ervaren, hoe gaat het op school, wat doet een kind nu in de lockdown? Het is vooral belangrijk dat wij weer even investeren in de band met het kind en weten hoe het echt met hen gaat. Zodoende weten wij ook beter wat zij nu nodig hebben om de draad weer op te pakken. Het kan natuurlijk ook best zijn dat een kind dat het al spannend vond en net een beetje gewend was, nu weer over die drempel moet. Het is dan fijn om hier samen aan te werken zonder het kind het gevoel te geven dat het is teruggevallen.” Claartje en haar team gaan de eerste weken dus bewust de tijd nemen om het kind gade te slaan. “We zullen het gesprek met hen aangaan en ook veel letten op non-verbale communicatie. Daarnaast zijn wij gelukkig altijd al dichtbij in het water, maar zeker nu is dat van heel groot belang. Kinderen kunnen zich in deze tijd eenzaam voelen en onzeker. Als je dan als zwemdocent vertrouwen kan geven door er voor het kind te zijn, maar ook het kind zelf de regie te laten houden over zijn ontwikkeling is dit juist nu van grote waarde.”

Gevoel

Het leren zwemmen ziet Claartje als een co-productie tussen kind, ouder en lesgever. In coronatijd zorgt dat wel voor uitdagingen. “Het contact met ouders is nu lastiger en dat is voor ons een groot gemis.” Het afgelopen jaar is daarom veel telefonisch contact gezocht met kinderen waar het niet zo goed mee gaat, maar ook ouders van kinderen die wel goed gaan verdienen aandacht. Het is de spagaat van de maatregelen tussen veiligheid en verbondenheid die Claartje nu heel sterk voelt. “Ik snap heel goed dat er nu maatregelen nodig zijn om verspreiding van het virus te voorkomen, maar deze maatregelen hebben ook een enorme impact op ons leven en die van onze zwemleskinderen. Dat moeten we niet onderschatten. Alleen al de angst die kinderen kunnen hebben voor het virus. Wij willen daar in de zwemles daarom heel open over te zijn. Het virus kan inderdaad gevaarlijk zijn, maar bij ons is het kind veilig. Het hoeft niet bang te zijn en als er iets gebeurt, is het niet de fout van het kind.” Vanuit de vorige lockdown is er natuurlijk veel geleerd, maar elke situatie kan weer anders zijn en dus komt het volgens Claartje straks vooral ook aan op de lesgever en de relatie met het kind. “We kunnen van alles van tevoren bedenken, maar uiteindelijk gaat het lesgeven over gevoel en wie jij zelf bent. Blijf daarom altijd dichtbij jezelf en vertrouw op je gevoel, dan komt het altijd goed.”





E.B.T.C.