Mensen met een visuele beperking bewegen minder: zo kun je hen ondersteunen in het zwembad

Mensen met een visuele beperking bewegen en sporten beduidend minder dan mensen zonder een visuele beperking. De voornaamste reden om niet te sporten is het beperkte oriëntatievermogen, afhankelijk zijn van anderen, angst om controle te verliezen. Daarbij onderschat de familie vaak de fysieke mogelijkheden en dat zorgt voor bezorgdheid over de veiligheid. En dat terwijl sporten en bewegen ook voor hen belangrijk is voor de ontspanning, het verhogen van het zelfvertrouwen en de sociale contacten met anderen. Het Mulder Instituut geeft daarom samen met Kenniscentrum sport informatie over hoe mensen met een visuele beperking toch kunt activeren en hoe je hen kunt bereiken.

Minder sporten

Mensen met een visuele en auditieve beperking sporten nagenoeg evenveel, maar de sportdeelname van deze twee groepen blijft ver achter op de sportdeelname van mensen zonder beperking in zien of horen. Een derde van de mensen met een auditieve beperking (29%) en een visuele beperking (30%) sport wekelijks. Voor de gemiddelde Nederlandse bevolking is dit 57 procent. De helft (48%) van de volwassenen (18-65 jaar) met een visuele beperking beweegt wekelijks minimaal één uur per week, tegenover 59 procent van de mensen zonder een visuele beperking. Een derde (30%) van de mensen (12-79 jaar) met een visuele beperking sport minimaal één keer per week. Dit is beduidend minder dan mensen zonder visuele beperking. Veel van hen vinden het toch lastig om te gaan bewegen, het is daarom goed om te kijken wat je zou kunnen doen om hen hierbij te ondersteunen.

Begeleiding

  1. Maak afspraken met de sporter over de manier van begeleiden. Mag je een sporter bijvoorbeeld ongevraagd aanraken en zo ja, op welke manier? Spreek een hoorbaar teken af om de aandacht van de persoon te trekken of noem bij het aanspreken van de sporter iedere keer zijn of haar naam.
  2. Gebruik beeldspraak of laat de persoon de oefening voelen, zodat de sporter goed begrijpt wat wordt bedoeld.
  3. Woorden als ‘zien’ en ‘kijken’ kun je gerust gebruiken. Blinden en slechtzienden gebruiken deze woorden ook. Vermijd begrippen als ‘hier’ en ‘daar’. Geef concreet de richting aan.

De sportomgeving of -accommodatie

  1. Zorg dat op de vloer geen losse spullen liggen, geen obstakels staan en geen elementen die uitsteken.
  2. Laat sporters – wanneer zij nog wat zicht hebben – tegen de lichtrichting bewegen en gebruik felle contrasterende kleuren. Controleer of de accommodatie goed en gelijkmatig verlicht is.
  3. Door gebruik van XL-materiaal, vertragend sportmateriaal of rinkelballen kan de sporter makkelijker meedoen.

Lees ook: Stimuleringsbudget Grenzeloos Actief maakt ook zwemmen met een beperking mogelijk

Hoe bereik je hen?

Hoe bereiken je mensen met ene visuele beperking? Mensen met een visuele beperking kunnen het best worden bereikt door bij de voorzieningen aan te sluiten waar zij gebruik van maken:

  • Belangenverenigingen zoals de Oogvereniging.
  • Woonvoorzieningen voor mensen met een visuele beperking.
  • Revalidatie-instellingen voor mensen met een visuele beperking.
  • Speciaal onderwijs, cluster 1-scholen.
  • Instanties die hulpmiddelen verstrekken (bijvoorbeeld een taststok of leeshulpmiddelen) zoals de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning).
  • Indirect via bijvoorbeeld huisarts, sociale wijkteam en buurt-sportcoach. Zij hebben vaak (een deel van) de doelgroep in beeld.
  • Maak gebruik van het eigen netwerk van mensen met een visuele beperking.

Meer weten?

Lees de Factsheet van het Mulier Instituut en Kenniscentrum Sport. Voor de doelgroep mensen met een visuele beperking is ook een uitgebreide lijst beschikbaar met specifieke organisaties, instanties en voorzieningen. Kijk voor meer informatie ook naar onderstaand filmpje van de NOC*NSF over de kracht van aangepast sporten, dit keer specifiek over zwemmen met een visuele beperking.