Bevrijdingsdag: zwembaden in oorlogstijd

Gisteren herdachten we de oorlog, vandaag vieren we de vrede. Opdat wij niet vergeten. Nu het aantal mensen dat de oorlog zelf kan navertellen steeds kleiner wordt, is het levend houden van de verhalen des te belangrijk. De verhalen over de momenten waarop mensen er voor elkaar waren, hoe gevaarlijk dat ook was. Want in een tijd waarin we moeten waken voor onze democratie en onze vrijheid, zijn dat niet zomaar verhalen uit het verleden. Ze herinneren ons eraan hoe belangrijk het is om te blijven omkijken naar elkaar en opkomen voor elkaar. Ook de verhalen van zwembaden in oorlogstijd.

Sportfondsenbad Oost Nijmegen, 1940–1945

Het zwembad van Nijmegen aan de Van Beethovenstraat heeft nog maar net zijn deuren geopend als de oorlog uitbreekt. Het zwembad blijft open, ook voor de bezetter, maar is meer dan een plek om baantjes te trekken. Boven het plafond schuilen jarenlang onderduikers, terwijl vlak onder hen de Duitsers zwemmen. Om voor de onderduikers te zorgen brengt een personeelslid in het donker eten en drinken. Voor velen betekende dit het verschil tussen leven en dood. In februari 1943 saboteerden drie medewerkers het bad: ze lieten zeshonderdduizend liter water weglopen en vluchtten. Met een pistool in zijn nek werd de enige die ze konden vinden, Okko Luidens, gedwongen het te repareren. Hij overleefde. De echte saboteurs werden nooit gevonden. De echtgenote van een van hen werd gedeporteerd naar een concentratiekamp en is nooit meer teruggekeerd. Na de bevrijding van het zuiden van Nederland in september 1944 schoot het zwembad opnieuw te hulp. Nijmegen werd een frontstad waar de granaten tot in maart 1945 vielen. Tientallen gezinnen vonden destijds onderdak in de catacomben van het bad. Er werd soep gekookt, kerkdiensten gehouden, kinderen getroost met chocolade van Amerikaanse soldaten.

Wil je warmteverlies en verdamping minimaliseren om fors te besparen op je energiekosten? 👉 Ontdek de leveranciers van hoogwaardige zwembadafdekkingen.

Kleedhokjes natuurzwembad Brunssummerheide, november 1943

Op 7 november 1943 waarschuwt een politieman een netwerk van helpers in Brunssum dat er elk moment een razzia kan plaatsvinden. Een sleutelfiguur in het verzet is zojuist opgepakt. Als hij doorslaat, moet het ergste worden gevreesd. In allerijl worden 25 Joodse kinderen die het grootste risico lopen opgehaald bij hun pleegouders. Diep in deze koude novembernacht worden ze overgebracht naar het natuurzwembad op de Brunssummerheide. De deurtjes van de kleedhokjes worden uit de scharnieren gelicht en met stro bedekt om als bedjes te dienen. Slapen lukt natuurlijk niet. Na twee dagen wordt uitgeweken naar een ruimte onder de vloer van een gymnastiekzaaltje en een schuilplaats achter het orgel van de gereformeerde kerk in Treebeek. Omdat de meeste pleegouders de kinderen uit angst niet willen terugnemen, vinden ze uiteindelijk onderdak in het bewaakte waterpompstation van de Staatsmijnen. De opgepakte verzetsman, dominee Pontier, is overgebracht naar de beruchte gevangenis in Scheveningen maar liet niets los. De gevreesde razzia bleef uit. Na enkele maanden konden de kinderen opnieuw bij pleeggezinnen worden ondergebracht. Het natuurzwembad zelf bestaat inmiddels niet meer. De twee aardverschuivingen in 1955 en 1958 hebben het weggevaagd en het werd nooit meer opgebouwd. Alleen de badhokjes aan de rand van de heide overleefden en worden gerestaureerd als monument. Een zichtbare herinnering aan de kinderen die er in november 1943 schuilden voor hun leven.

Zwemclub De Watervrienden, Amsterdam, 1940

Direct na de Duitse inval in mei 1940 neemt het bestuur van zwemclub De Watervrienden in Amsterdam een drastisch besluit: ze verbranden de volledige ledenadministratie. De club, van oorsprong een socialistische vereniging, wil voorkomen dat de nazi’s lijsten in handen krijgen met namen van Joodse leden en politiek actieve socialisten. Het is een moedige daad, maar kon helaas het lot van velen niet keren. Zeker tweehonderd Joodse leden worden later alsnog gedeporteerd en vermoord. Hun namen zijn nooit officieel achterhaald. Zij staan vandaag symbool voor de anonieme slachtoffers uit de oorlog.

Dit nooit meer

Drie verhalen. Drie plekken waar het zwembad iets anders werd dan het was bedoeld. Gewone mensen namen buitengewone beslissingen. Niet omdat ze helden waren, maar omdat ze niet konden zwijgen, omdat ze niet konden wegkijken. Dit weekend keek ik de documentaireserie Het Verhaal van Nederland over de Tweede Wereldoorlog, die weer eens op indringende wijze benadrukte dat dit niet alleen geschiedenis is. Niet enkel verhalen uit het verleden. Het zijn spiegels. De onderduikers in Sportfondsenbad Oost, de kinderen in de kleedhokjes op de Brunssummerheide, en de leden op de lijst van de zwemclub waren afhankelijk van mensen die voor hen opkwamen. Dit nooit meer. Het klinkt vanzelfsprekend, maar gaat niet vanzelf. Dat vraagt om waakzaamheid, om moed, om de bereidheid om — wat er ook gebeurt — te blijven omkijken naar elkaar.

De verhalen over Sportfondsenbad Oost zijn gebaseerd op gepubliceerde memoires en getuigenissen. Het verhaal over de Brunssummerheide is gedocumenteerd door lokale historici. Het verhaal over De Watervrienden verscheen onder meer in de NOS en Trouw. De documentaireserie Het Verhaal van Nederland – De Tweede Wereldoorlog is te zien via NPO Start.


advertentie

Alle leveranciers voor de zwembranche vind je hier