Behoefteonderzoek zwemwater in de openlucht

In het kader van de Europese zwemwaterrichtlijn moet de provincie Utrecht jaarlijks het aanwezige zwemwater inventariseren en vervolgens besluiten welke locaties worden aangewezen als officiële zwemwateren. Om het vrijetijdsaanbod aan te laten sluiten op de wens van de recreant en de toerist wil de provincie graag een helder beeld van het aanbod versus de behoefte aan zwemwater ter ondersteuning van het aanwijzen van officiële zwemwaterlocaties.

Mede aanleiding hiervoor is het verzoek van het Rijk in 2010 aan o.a. de provincies om aandacht voor en onderzoek naar het openstellen van meer zwemlocaties in en om de steden. Met inzet van een ruimtelijk zwemwatermodel is een vraag-aanbod analyse uitgevoerd, waarbij is berekend in hoeverre het aanbod aan officiële zwemwaterlocaties voldoet aan de huidige en toekomstige (2030) vraag naar zwemwater. Tevens is er een berekening uitgevoerd waarbij de openluchtbaden (chloorbaden) als aanvulling op het aanbod aan officiële zwemwateren zijn meegenomen.

Resultaten vraag-aanbod analyse
Het huidige zwemwateraanbod in de provincie Utrecht is dusdanig dat er in een groot deel tekorten optreden. Veel tekorten treden op dichtbij steden, vooral Amersfoort, Utrecht, Soest, Zeist en Veenendaal hebben te maken met grote tekorten. De bevolkingsgroei tot 2030 zorgt er voor dat de vraag naar zwemwater nog groter wordt, waardoor ook de zwemwatertekorten sterk toenemen. Vooral in Utrecht, Amersfoort en Veenendaal wordt de situatie er niet beter op.

Openluchtbaden
Wanneer de openluchtbaden in de provincie (13 stuks) als alternatief worden gezien voor een open zwemwaterlocatie, nemen de tekorten in de buurt van deze zwembaden sterk af. De openluchtbaden liggen bijna allemaal in gebieden met grote zwemwatertekorten en vormen daarmee een goede aanvulling op het zwemwateraanbod. Maar zelfs met de openluchtbaden blijven de tekorten aan zwemwater in de provincie groot.

Gevolgen zwemwatertekorten
De huidige en toekomstige zwemwatertekorten kunnen leiden tot ongewenste gevolgen, zoals:

  • Mensen gaan zwemmen op ongewenste locaties, zoals grachten in Utrecht en de Lek. Ongewenste locaties kunnen onveilig zijn door bijvoorbeeld aanwezigheid van
    scheepvaart, maar ook door slechte waterkwaliteit (botulisme, blauwalg).
  • Mensen wijken uit naar locaties aan de kust, waardoor daar de druk toeneemt (met bijkomende mobiliteitsproblemen).
  • Grote recreatieplassen zoals het Henschotermeer krijgen te maken met meer bezoekers dan ze kunnen accommoderen, dit leidt mogelijk tot opstoppingen.
  • Door klimaatverandering en hittestress (voornamelijk in de dichtbebouwde steden) worden de mogelijkheden om verkoeling te krijgen nog belangrijker. Het gemis aan zwemwater kan dan leiden tot gezondheidsklachten.

Aanbevelingen
De tekorten aan zwemwater zijn in de provincie Utrecht zo groot, dat er actie moet worden ondernomen om het aanbod aan zwemwater te vergroten. Wij bevelen aan om als provincie het initiatief te nemen om de tekorten te verminderen. Hierbij is het van belang om vooral meer of grotere officiële zwemwateren te realiseren in en rondom stedelijke gebieden (Utrecht, Amersfoort en Veenendaal). Bovendien is het belangrijk om te voorkomen dat de huidige locaties gedurende het zwemseizoen uitvallen door bijvoorbeeld een slechte waterkwaliteit. Ontwikkelingen zoals het verondiepen van plassen in verband met slib en het aanleggen van natuurvriendelijke oevers kunnen van nadelige invloed zijn op de zwemwaterkwaliteit en verdienen daarom aandacht van de provincie. Naast het zorg dragen voor het huidige aanbod bevelen wij aan om, in samenwerking met Rijkswaterstaat, te onderzoeken of er mogelijkheden zijn voor nieuwe zwemlocaties langs de grote rivieren.

Lees hier het hele rapport

(Kenniscentrum Recreatie)

 
 EasySwim Pro